Afgelopen week zond de Duitse TV twee korte items uit i.v.m. de komende Buchmesse in Frankfurt.
In de filmpjes zijn o.a. Arnon Grunberg, Tommy Wieringa en Tsead Bruinja te zien.
http://www.3sat.de/mediathek/?mode=play&obj=61993
Afgelopen week zond de Duitse TV twee korte items uit i.v.m. de komende Buchmesse in Frankfurt.
In de filmpjes zijn o.a. Arnon Grunberg, Tommy Wieringa en Tsead Bruinja te zien.
Vanaf woensdag: Read My World te Amsterdam
Drie dagen lang staat de Tolhuistuin in het teken van de literatuur met speciale aandacht voor Polen en Oekraïne. We gaan het hebben over de wetenschap van het afscheid, feministische toekomst(en) en boeken die wapens zijn.
Het hele programma vind je op: http://www.readmyworld.nl/programma/#post-11126
Wees welkom!
Met o.a. Andrey Kurkov, Andriy Lyubka, Anja Meulenbelt, Anje Robertson, Anna Kravets, Anna Rosłoń, Anne van Amstel, Anneke Claus, Arie van der Ent, Astrid H. Roemer, Babs Franklin Gons, Bahram Sadeghi, CAConrad,Chris Keulemans, Christina Mercken, Christine Otten, Daria Bukvić, Dean Bowen, Dolan Jones, Ellen Deckwitz,Elly de Waard, Eric Metz, Erik Jan Harmens, Esra Seval Dede, Eva Meijer, Fleur de Weerd, Frank Westerman, Grzegorz Jankowicz, Ilija Trojanow, Iryna Vikyrchak, Jan Klug, Jaś Kapela,Jasper Henderson, Julia Fiedorczuk,Kasper Kapteijn, Kirsten Van Den Hul,Klaske Oenema, Lamyn Belgaroui, Lisa Weeda, Maartje Smits, Maria Barnas, Marieke Rijneveld, Mariusz Szczygieł, Marjolijn van Heemstra, Maxim Februari, Menno Wigman, Mia You, Naema Tahir, Nancy Wiltink,Neske Storytelling Beks, Nora Mulder, Oksana Zabuzhko, Olga Tokarczuk, Özcan Akyol, Pablo Nahar, Remco Ensel, Renee van Marissing, Ricardo Domeneck, Rick de Leeuw, Rob Schouten, Soula Notos, Tahmina Akefi, The Soul Travelers, Tsead Bruinja, Umeu Bartelds, Victoria Amelina en Ziemowit Szczerek.
Eventpagina: https://www.facebook.com/ReadMyWorld/?fref=ts
Was gisteren bij een boeiende avond over 'Dichters van het nieuwe millennium' in Perdu te Amsterdam en dacht met weemoed terug aan 'De eerste generatie dichters van de eenentwintigste eeuw', de door Daniel Dee samengestelde bloemlezing 'Vanuit de lucht' en het tourneetje dat volgde.
De pers was niet onder de indruk destijds ;o)
'Er zijn misschien wel blijvende dichters bij, maar geen blijvende gedichten.' – Poëziekrant, juni 2002
'Onnodig moeilijk' – Nymph
'Een allegaartje van weinig originele stijlen, en dan nog op een laag niveau' – Biblion
'Een heel belangrijk boek – zeer prettige kennismaking – een absolute must' – Knetterende Letteren
'Komrij was weinig onder de indruk' – Volkskrant
'In zekere zin is dit poëzie van luxeproblemen, welvaartspoëzie' – Awater
'Een bundel met begrijpelijke gedichten, enkele ontoegankelijke verzen én geraaskal' – AD
'Al met al kan ik zeggen dat de Nederlandse poëzie de komende jaren niets te vrezen heeft' – Meander
'Veel lucht en weinig diepgang in de poëzie op komst' – Vrij Nederland
'Bijzondere gedichten in deze bundel en sprankelende strofen' – NRC Handelsblad
'Aan waarachtig poëtisch talent is er inmiddels geen gebrek' – De Provinciale Zeeuwse Courant
'Vanuit de lucht als satellietfoto een bont, rijk geschakeerd landschap' – Nieuwsblad van het Noorden
Wie de hele stukken wil lezen (en nog wat gerelateerde artikelen) kan terecht op: http://www.tseadbruinja.nl/vanuit.htm
Uitgeverij Passage schreef destijds het volgende over de bloemlezing:
"Er waait een jonge wind door de poëzie. Met name op podia, maar ook in verschillende tijdschriften en lokale bloemlezingen blijkt dat poëzie leeft onder de jonge generatie. In deze bloemlezing verzamelt Daniël Dee de spraakmakendste dichters geboren na 1970, zowel uit Nederland als uit Vlaanderen. De eerste generatie dichters van de 21e eeuw timmert al driftig aan de weg; in deze bundel staan ze voor het eerst tezamen. Een waardig vervolg op het veelbesproken Sprong naar de sterren. (Bron: website Uitgeverij Passage).
De dichters die opgenomen waren in de bloemlezing:
Joost Baars, Maria Barnas, Tsead Bruinja, Joris Buitendijk, Yorgos Dalman, Daniël Dee, albrecht b doemlicht, Diann van Faassen, Andy Fierens, Sieger M. Geertsma, Peter de Groot, Klaske Havik, Tjitse Hofman, Willem Groenewegen, Tjitske Jansen, Petra Else Jekel, Jannah Loontjens, Frederik Lucien De Laere, Thomas Möhlmann, Ayatollah Musa, Tjitske Mussche, Ramsey Nasr, Hagar Peeters, Kasper Peters, Alfred Schaffer, Benne van der Velde, Steven Verhelst en Jan Wijffels.
Voor meer over 'De dichters van het nieuwe millennium':
https://www.vantilt.nl/…/dichters-van-het-nieuwe-millennium/
NIEUWE TRUI EEN NACHT IN DE VRIEZER DOEN
de koolmees die ieder jaar terugkomt
naar het huisje op ons balkon
dat wij willen schoonmaken steeds
maar nooit schoonmaken
landt op een tak van de boom met paarse bladeren
waarvan ik de naam niet weet
en niet ga opzoeken voor dit gedicht
het heeft geregend
de takt veert
vers water valt
laatst zat hij op een dikkere tak
en pikte naar ik aanneem
mieren van de bast
waarvan ik hem er een
in de mond van zijn vrouwtje
zag drukken
soms zingt hij voor hij uitvliegt
op de dunne clematisrank
die voor het ronde deurgat groeit
en nu eind april vol knoppen zit
een ander zijn
diens verongelukte zijn
ieder ons
hetzelfde verongelukte
dit ons
een ons
de laatste ander zijn
verongelukt
verbrijzeld zijn
de kat van de buren liep weg
toen een monteur de nieuwe ketel
kwam installeren
ze wordt doof
nooit meer trippelt ze op me af
als ik in de morgen de deur open
naar het dakterras
© Tsead Bruinja
Dit optreden werd opgenomen tijdens de uitzending van Opium op 4 op 8 juli 2016. Bob Driessen speelde sax.
Meer van Bob:
Vanavond ga ik met Broeder Dieleman, Els Moors, Frank Keizer, René Everts en Emma Burns "Praten en breien" te Middelburg.
…Broeder Dieleman en dichter Tsead Bruinja zetten op 17 mei een avond lang muzikanten en dichters bij elkaar. Samen maken zij een uniek programma dat ze 's avonds voor u brengen. De avond start om 20.00 uur. Kaarten kosten €4,-
Verwacht verhalen over Friese opa's en oma's, witte fuckende konijnen en de socialist Herman Gorter en een hoop muzikale spontaniteit.
De dichters zijn Frank Keizer, Els Moors, Emma Burns en Tsead Bruinja. De muzikanten zijn Broeder Dieleman en René Everts (saxofoon).
Praten en Breien
Datum: dinsdag 17 mei
Tijd: 20.00
Locatie: Kloveniersdoelen
Tickets: €4,-
Kaarten zijn te koop in de Drvkkery en online viawww.drukkerijmiddelburg.nl/tickets
Web: http://kloveniersdoelen.nl/agenda/praten-en-breien.html
Mijn eerste column voor deze krant begon met de dood. Erik Menkveld, een bevriend schrijver, overleed op 30 maart 2014 op 54 jarige leeftijd. Terwijl ik niet geloofde in een hiernamaals, schreef ik toch een brief aan hem. Die vorm koos ik omdat Menkveld aan zijn helden, onder wie de Boeddha, saxofonist John Coltrane en dichter Martinus Nijhoff prachtige literaire brieven had geschreven, verzameld in Met de meeste hoogachting (Uitgeverij Van Oorschot). De column werd geweigerd. Men vreesde dat de lezers niet bekend genoeg waren met Menkvelds werk.
Mijn eerste column voor deze krant begon met vriendschap. Ik stond in de keuken van Margo en Gene Barry ergens op het Ierse platteland niet ver van Cork toen ik door de krant werd gebeld. Een dag daarvoor zou ik in een kasteel een poëzieworkshop geven. Op het allerlaatste moment, toen wij de poort uit wilden rijden, kwam de enige gegadigde opdagen. In het smalle poortje reed zijn vader de spiegel van de auto. Aan de keukentafel bespraken we alsnog de gedichten van Martin Reints, over afleiding en denken in de poëzie. De dag daarna werd ik gebeld. Ik zal niet snel vergeten hoe blij Gene voor mij was.
Mijn eerste column voor deze krant begon met muziek. Toen de column over Menkveld geweigerd werd, schreef ik een tweede eerste column, over zanger Jack Bottleneck met wie ik op school zat in Damwoude. Vijfentwintig jaar geleden verloren wij elkaar uit het oog, maar niet uit het hart. Dankzij Facebook en een optreden te Dokkum hernieuwden we onze vriendschap. Ik schreef over Bottlenecks kleurrijke verleden en hing het verhaal op aan een uitspraak over de uitsluiting van Wâldpiken bij de ‘Kulturele Haadstêd’. Die column werd geaccepteerd.
Vorige week vertelde radiomaker Willem Wâldpyk, manager van Jack Bottleneck, hoe hij bij een vergadering van Omrop Fryslân dreigend tegenover een andere Wâldpyk had gestaan. Men was ervan geschrokken. Ik genoot van het verhaal. Het verbaasde me niets dat de ruzie maar van korte duur was. Het bloed moet soms koken en bij Wâldpiken gebeurt dat misschien soms net even wat rapper.
Die verhalen zullen vanaf nu weer in gedichten belanden, want er komt met deze column helaas een einde aan mijn bijdragen aan deze krant. Ik ben de redactie van de Leeuwarder dankbaar voor de kans die zij mij gaven en de vrijheid die ik na die eerste geweigerde column genoot. Ik heb veel geleerd van dit hardop denken op papier en dank u voor het volgen van mijn verhalen en gedachten.
Het is lente; tijd om iets nieuws te beginnen. Ik raad u aan de Verzamelde Gedichten van Erik Menkveld te lezen. U zult dan bijvoorbeeld deze vrolijke regels tegenkomen: “Graasgenot? Op dit gazon? Nog geen gierkar rijdt hier mijn humeur in reetketel”.
*
Willem Wâldpyk kwam langs om een Friese voordracht op te nemen. voor zijn programma Noardewyn. Hieronder het resultaat.
Iets meer dan twaalf jaar geleden werd ik voor de gek gehouden door een vrouw. Ik was net verhuisd van een klein kamertje in Diemen naar een omgebouwd bezemhok op een zolder in Amsterdam-West. Collega-dichter en vriend Thomas Möhlmann die even verderop woonde, nodigde mij uit om iedere donderdagavond bij hem en zijn geliefde Esther aan te schuiven voor de maaltijd, waarbij ook altijd een goede vriendin van hen aanwezig zou zijn.
De dame in kwestie was cum laude afgestudeerd op jazz in het werk van de schrijver Bernlef. Ze had een half jaar daarvoor Thomas en mij aangemoedigd bij een literair voetbaltoernooi in Wassenaar. Ik speelde nog voor Groningen. Wij waren het enige team dat dronk en blowde op het veld en mede daardoor waarschijnlijk het eerste dat het veld moest ruimen. Vrolijk stronken reed ik mee terug naar Amsterdam in haar oude Citroën.
Een half jaar later zat ik haar twee donderdagavonden lang te plagen, want ze ging op internetdate, maar eigenlijk was ik jaloers. De derde avond bleef ze hangen en dronk ze niet alleen samen met ons een fles rosé leeg maar sneuvelde er ook nog een fles whisky. Er werd haar een fiets aangeboden omdat ze onmogelijk in de oude Citroën naar huis kon rijden, maar dat hoefde niet; mijn pakjesdrager zou haar wel houden.
Die nacht sloeg Saskia Stehouwer een arm om mijn buik vol drank en slingerden we naar haar huis. We hebben een half uur staan zoenen op haar stoep. Ik mocht niet mee naar binnen want daar lag een zwangere huisgenoot te slapen (die daarna evengoed werd gewekt om bijgepraat te worden).
Het jaar daarop schoven we een briefje in die whiskyfles. Ik wierp hem zo ver mogelijk in zee. De kleine dronken fietstocht was uitgelopen op een huwelijk dat mij nog steeds gelukkig maakt (en u ook, want Sas was de afgelopen twee jaar de voortreffelijke redacteur van deze column). Tegen die tijd was het duidelijk geworden dat de alcohol een zeer tijdelijke vriend was geweest van mijn vrouw. Na drie maanden stond de wijn aan een kant van de tafel; aan de andere kant een grote pot thee.
Deze week las ik op de website van The Guardian dat het versieren veel makkelijker kan. Daar is helemaal geen drank of geplaag voor nodig. Het draait eigenlijk louter om lichaamstaal. Uit onderzoek is gebleken dat vrouwen die datingsites en apps gebruiken als een blok vallen voor mannen die op hun foto of filmpje met hun benen wijd open zitten of de armen gespreid houden en hun brede torso laten zien. Voor mij komt die kennis te laat. Wie weet kunt u er nog iets mee.
Dit is mijn een-na-laatste column voor deze krant. Ik schreef hem met mijn benen over elkaar.
"Ga eens in gesprek met je huisdier", stond er afgelopen maandag als kop boven een stuk in de Trouw over filosofe Eva Meijer. Meijer publiceerde het boek Dierentalen waarin ze onder andere vertelt over hoe dolfijnen elkaar bij naam noemen. Ik vraag me dan meteen af hoe een dolfijnenkalf aan zijn of haar naam komt, maar het beantwoorden van dat soort vragen schijnt niet het doel van Meijers boek te zijn. Het gaat haar erom dat we het dier meer als een individu met rechten moeten leren zien in plaats van als een object. Laten we "niet alleen denken over, maar ook mét dieren."
Ik kan me geen gesprek herinneren met onze hond Astrid, maar ik zal ongetwijfeld tegen haar hebben aangekletst, want ik doe dat nu ook tegen de kat van onze buren, Djessims. Hele uitgebreide gesprekken zijn dat niet. Het gaat voornamelijk om "hallo, schatje", "wat ben je lief" en "wil je weer naar huis?".
Met Astrid voerde ik tijdens mijn vroege tienerjaren iets langere conversaties. Tijdens oud en nieuw, misschien in 1989 of 1990, kroop ik naast haar onder het bed van mijn ouders, of eigenlijk het bed waar mijn vader en zijn nieuwe vrouw in sliepen. Astrid liep nooit de trap op, maar als ze vuurwerk hoorde, en in Kollum werd er flink met carbidbussen geknald, stoof ze naar boven. Ik probeerde haar gerust te stellen, maar ik denk niet dat ze mij verstond. Ze bleef maar piepen.
Jaren daarvoor gaf Astrid geen gehoor aan de woorden van mijn moeder toen ze een bunzing zag. Mijn moeder vertelde hoe ze Astrid angstig waarschuwde niet achter het beest aan te gaan, omdat het gemeen kon bijten en misschien wel ziektes met zich meedroeg. Maar Astrid zette de achtervolging in, nam het roofdiertje tussen haar kaken en sloeg het dood tegen een puinmuurtje. Mijn moeder glunderde. Een week later stond de bunzing opgezet op een boomstammetje in de gang. Voordat ik de trap opging naar mijn slaapkamer liet ik graag mijn vingers over de boze hoektanden in het open bekje gijden.
Na het overlijden van mijn moeder en het hertrouwen van mijn vader ging Astrid naar mijn opa, de vader van mijn moeder, in Oostrum. Een keer per week sprong ze op de achterbank van de rode Opel Kadett wanneer Pake Klaas naar Âldtsjerk reed om het graf van zijn dochter op te zoeken. Hij schijnt daar hele verhalen tegen haar te hebben gehouden. Van hem hoorden we dat bij het eerste bezoek Astrid, voor hem uit, in een keer het graf wist te vinden. Ze zat daar op hem te wachten terwijl hij met verse bloemen in zijn armen en schoongespoelde groentepotjes van HAK aan kwam lopen. De steen werd geboend. Het gesprek was begonnen.
*
Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant: www.lc.nl
"Laten we helden zijn," riep CPNB-voorzitter Geneviève Waldmann vanaf een balkon in de Amsterdamse Stadsschouwburg. Onder luid applaus opende ze met haar heroïsche oproep het Boekenbal. Waldmann riep ons echter niet op om net als Bowie de bakens te verzetten en experimentele literatuur te schrijven in navolging van diens Berlijnse trilogie; zij vroeg ons om alsjeblieft allemaal jaarlijks een extra boek aan te schaffen zodat het gemiddelde van zes naar zeven boeken opgekrikt zou worden. De literatuurliefhebber zou moeten uitblinken in zijn winkelgedrag.
De rest van het programma was van een soortgelijke droefheid. Dat lag niet aan de inrichting van de zaal. Het theater was smaakvol omgebouwd tot een club met een rond podium in het midden en publiek aan beide kanten. Bovendien stond er prima witte en rode wijn op tafel, wellicht indachtig "Hier is… Adriaan van Dis". Hadden ze die oude coryfee, zo keurig afgeslankt voor De Wereld Draait Door en nog altijd beter in zijn talen dan Ivo Niehe, maar gevraagd, bedacht ik mij later.
Helaas kregen wij zanger en entertainer Sven Ratzke voor onze kiezen, ook meertalig, maar daar was dan ook wel alles mee gezegd. Ratzke vond dat bij een feest voor de literatuur vooral smakeloze beledigingen hoorden. Op zich heb ik daar niet zo'n probleem mee, maar dan verwacht ik wel niveau en niet een presentator die mij verveelt met slappe seksuele toespelingen en stompzinnige clichés. Keer op keer werden wij, het publiek "achter" het podium, aangesproken als de mensen op de "cheap seats". Het deed bijna evenveel pijn als de nieuwe vulling die ik deze week van mijn tandarts kreeg.
Het artistieke hoogtepunt van de avond vormde de bijdrage van Nick & Simon. De Volendammers keken verdwaasd rond in de nachtclub, maar brachten "Gute Nacht, Freunde" van Reinhard Mey tenminste alsof ze het meenden, een verademing tijdens het cynische Circus Ratzke. Spijtig was het dan wel weer dat Nick op een valse gitaar speelde die lelijk beschilderd was met reclame voor het album "Open". Maar als er deze avond al helden waren, waren het wat mij betreft Nick & Simon.
Ratzke zelf zorgde voor het dieptepunt. Toen hij alle gasten terug het podium opriep om de avond af te sluiten met een groepsverkrachting van Loud Reeds "A perfect day" en de twee Volendammers ontbraken, maakte hij meteen de grap dat zij hem al met de poet gesmeerd zouden zijn. Wat hij niet zag, maar het publiek op de cheap seats wel, was dat Nick en Simon die niets wisten van het slotnummer, terug waren gekomen en braaf in de deuropening klaarstonden.
"Was ich noch zu sagen hätte," was het thema van de boekenweek. Ik had willen roepen: "Halt's Maul, blöde Holländer, just for one koopavond." Maar ik ben niet zo'n held.
*
Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant: www.lc.nl
Deze week draaide ik een cd van Frans Halsema met een wat melig liedje ter ere van de boekenweek. Enjoy: