• Pointedgun

    Gisteren heb ik de hele dag mensen gevraagd om de campagne te steunen. Er kwamen veel goede en kritische reacties binnen, waarvoor dank. Eén van de terugkerende punten was het verlangen naar geëngageerde poëzie. Ik begrijp die wens, maar zou willen dat men de poëzie soms wat beter las, en dan heb ik het niet over mijn eigen werk. Politiek engagement is in de Nederlandse poëzie makkelijk te vinden. Lees bijvoorbeeld het werk van Rodhan Al Galidi, Erik Jan Harmens of H.H. ter Balkt, stuk voor stuk dichters die geen blad voor de mond nemen. Als je hun werk goed leest, verandert je blik op je omgeving.

    De heersende visie over wat engagement is, is mij bovendien te beperkt. Als een dichter zijn best doet om zo goed mogelijk zijn werk te doen, dan kan dat niet zonder een bepaalde betrokkenheid. Of het nu om betrokkenheid bij de politiek, de milieuproblematiek, de liefde of de taal zelf gaat, het is allemaal betrokkenheid en even intens. Een dichter die de taal opnieuw probeert uit te vinden of die zichzelf helemaal blootlegt, doet niet onder voor een dichter die over terrorisme of discriminatie schrijft. Juist door het schrijven van eerlijke en vernieuwende gedichten voeg je iets toe aan de taal en het denken en houd je beide op je eigen manier levend en spannend.

    Of ik als Dichter des Vaderlands gedichten over rampen, misstanden in de maatschappij en ander onrecht ga schrijven? Dat zit er dik in, want dat deed ik al. Ik deed het alleen op mijn eigen manier, zonder concessies te doen aan de verbeelding en de poëzie, waardoor de boodschap niet altijd even duidelijk was. Die boodschap is ook niet het meest belangrijke onderdeel van een dergelijk gedicht. Zo’n gedicht begint en eindigt met de muziek van de taal. Eerst komt de muziek en dan de moraal.

    Tot morgen en nogmaals dank voor alle reacties op mijn vreselijke gebedel,

    Tsead

    P.s. wil je echt een aangrijpend boek lezen, koop dan het brievenboek Stemmen onder de zon van Mowaffk Al-Sawad, waarin hij o.a. vertelt over de opstand tegen het regime van Saddam Hoessein en zijn jeugd in Irak tijdens de jaren tachtig en begin jaren negentig. Uitgeverij Passage heeft vast nog wel enkele exemplaren liggen.

  • Spook

    Zo af en toe komt er een spook uit je verleden om de hoek kijken. Mij overkwam dat bijvoorbeeld terwijl ik stond op te treden met muzikant Jaap van Keulen op een zomerse middag in Groningen tijdens het festival Dichters in de Prinsentuin. Ik zat midden in een tekst, toen ik aan de andere kant van het theeveld een ex zag staan, die met een ijsje in de hand mij kwaad aankeek. De ex en ik waren op agressieve wijze uit elkaar gegaan en van die woede was nog genoeg over om een poging te doen mij de grond in te kijken. Gelukkig kende ik het gedicht uit het hoofd en kon ik met mijn ogen gesloten de rest uitlezen, waarna de ex gevlogen bleek.

    Er bestaan gelukkig ook vrolijke spoken uit het verleden en dan met name uit mijn tijd als literair organisator in Groningen. Ik heb daar veel festivals mee mogen organiseren en heb zo mijn steentje proberen bij te dragen aan het rijke literaire klimaat dat er al was. Die betrokkenheid is nu omgezet in een nominatie voor de Kees van der Hoef-prijs, een ‘onderscheiding die wordt toegekend aan de persoon die zich op organisatorisch gebied het afgelopen jaar of in het verleden op bijzondere wijze verdienstelijk heeft gemaakt voor het lokale literaire leven in de stad Groningen.’

    De andere genomineerden zijn Roos Custers (literair redacteur, beeldend kunstenaar en festivalorganisator) en Sieger MG (dichter, docent en organisator van literaire avonden) en de prijs bestaat uit een portretfoto gemaakt door Jan Glas in de Galerij der Groten in Café Pauze te Groningen, een geldbedrag van 250 euro (ter beschikking gesteld door de gemeente Groningen) en een pond paling. Dat laatste is geïnspireerd op de bekendste strofe uit het oeuvre van Van der Hoef: ‘De kracht van de herhaling is gelijk aan een spastische paling’. Van der Hoef zelf was geheel terecht de eerste winnaar van de Kees van der Hoef-prijs. De jury bestaat uit Rense Sinkgraven, Bart FM Droog, Kasper Peters en Herman Sandman.

    Op zaterdag 3 januari wordt de prijs uitgereikt in Café Pauze in de Folkingestraat te Groningen om  13.00 uur en ik zal er zeker bij zijn, al is het maar om Sieger MG of Roos Custers te feliciteren, die geheel terecht de winnaar zouden kunnen zijn. En als ik het word, dan glimlach ik naar de spoken uit mijn verleden, of ze nu ijsjes eten of niet.

    Tot morgen,

    Tsead

    P.s. we vierden gisteren een verlaat Sinterklaasfeest met vrienden; lekker eten en heerlijk valse gedichten. De Dichter des Vaderlands verkiezing kwam meer dan één keer langs. Degene die mijn lootje had getrokken, had er iets moois van gemaakt:

    Als je eenmaal trots die titel draagt
    Is er slechts één ding dat men van je vraagt
    Want een viertal keren per jaar
    Speel je een gelegenheidswerkje klaar
    Sint proeft vóór in zijn gedachten
    Wat ons allemaal staat te wachten
    En jou inspireren zal
    Tot een vaarlands gedicht, kom ik steek van wal:

    Amalia’s eerste verkeersovertreding
    Tweede Kamer-stoelen voorzien van nieuwe bekleding
    Madurodam weer wat geslonken
    Carnaval: nog meer bier gedronken
    Ontgroening wordt milieubewust

    Willem Alexander die Carla Bruni kust
    Maxima bevalt van drie in één keer
    En wil er eigenlijk nog meer
    Beatrix treedt eindelijk af

    Prins Claus herrijst uit zijn graf
    Wilders verft zijn haren rood
    En dat wordt Marijnissens dood
    Leeuwarden bouwt een toren naar de maan

    Bonifatius is weer opgestaan
    Het water stijgt in de Amsterdamse grachten
    De Friezen zijn aangemerkt als hoofdverdachten
    Driek ontvangt de Nobelprijs voor Literatuur
    De Nachtwacht valt van zijn spijker aan de muur
    Er moet meer geld naar het bejaardenballet

    Dus de subsidies aan dichters wordt stopgezet
    De Noord-Zuidlijn wordt fietstunnel, alsnog
    Balkenende verklaart Friesland de oorlog

    En moesten we dit de vorige keren
    nog uit het NOS-nieuws destilleren
    Nu wordt het door Tsead bezongen
    Begeleid door slagen op gongen  
    Zoals je natuurlijk kan verwachten
    Zit sint hiernaar hevig te smachten

    Toch is een waarschuwing op zijn plek
    Val niet te diep in de Nederlanddrek
    Je moet natuurlijk niet verzaken
    Al je serieuze taken
    Zoals het promoten van jouw vak en de vruchten
    Waarin je zo lekker je hart kunt luchten

    Zoek je nog inspiratie van vakgenoten
    Ga dan snel dit pakje ontbloten.

    De Sint

    Het cadeau was de bloemlezing 500 Gedichten die iedereen gelezen moet hebben – De canon van de Europese poëzie. Samengesteld door Ilja Pfeijffer en Gert Jan de Vries.

  • Pakeklaasenbeppetiet 
    Pake Klaas en Beppe Tiet (de ouders van mijn moeder)

    Wat doe je als schrijver met je familie? Ik heb me dat nooit afgevraagd, terwijl mijn ouders, grootouders en voormalige geliefden (soms bijna familie) veelvuldig in mijn gedichten voorkomen. Over het algemeen geldt de regel dat het vooral een goed gedicht moet zijn, wil ik het publiceren. De ene keer bedenk ik wat en de andere keer zijn de gedichten waarheidsgetrouw.

    Door het artikel ‘Nestbevuilers’ van Marja Pruis in de Groene Amsterdammer, overdacht ik nog eens op welke manier ik over mijn familie schrijf. Doe ik het goed? Had ik de verhalen over mijn oma, die bang was dat ze kanker zou krijgen en aan de drank ging, voor me moeten houden?

    Een Friese kinderboekenschrijfster zei dat ze niet begreep waarom ik zo grof over mijn ouders en grootouders sprak. Ik antwoordde dat ik niet anders kon en dat dat nu eenmaal de manier was waarop wij met elkaar omgingen. Voor mij was dat de meest liefdevolle en integere manier om over hen te schrijven.

    Marja Pruis haalt in haar artikel de dichter Czeslaw Milosz aan die zegt: ‘Als in een gezin een schrijver wordt geboren, dan is ’t gedaan met dat gezin’.  Daarnaast lezen we in hetzelfde stuk van Philip Roth de quote: ‘Als schrijver ben ik iemand anders. Ik ben dan niet belast door trouw en loyaliteit, decorum en discretie. Ik ben vrij om een dieper en duisterder perspectief te kiezen dan dat van een zoon, echtgenoot of broer.’ Als er in een gezin iets mis is, dan zal dat ook zonder schrijver wel duidelijk worden. Daarnaast moet je je juist een zoon, broer of echtgenoot voelen om een goed doorleefd gedicht te schrijven, misschien de zoon, broer of echtgenoot van iemand anders, maar je schrijft altijd vanuit een verwantschap met je omgeving of die nu verzonnen is of niet. De vrijheid van het duistere perspectief kan ik begrijpen, maar in mijn geval zal dat nooit ver van mezelf afliggen.

    Gerrit Komrij vertelde me dat de meeste dichters hun beste gedicht schrijven over hun moeder. Voor mij geldt dat zeker. Steeds als ik over mijn moeder schreef, bereikte ik een helderheid die bij andere gedichten ontbrak. Het waren gedichten zonder opsmuk die me iets leerden over het schrijven zelf.  

    Angel gaat over mij, mijn woede en over het gezin waar ik uit kom. Het is een bundel waarin ik mezelf en de mensen om me heen niet ontzie. De bundel zal niet voor alle familieleden even makkelijk te lezen zijn, maar het is deel van een gesprek, hoe hard ook, een gesprek dat eindigt met een welgemeende uitnodiging:

     

    geen geboortekaartje

    dank voor het doel de horizon
    de rij bomen
    waar ik de tanden van mijn zaag
    op slijpen kon

    ik blijf slijpen
    ik leg de zaag niet neer

    loop geen rondjes om je huis
    stuur geen brief

    maar geef wel raad

    zorg goed voor jullie kinderen
    voor je vrouw

    houd de zonen van andere vaders in de gaten
    als je een dochter hebt

    houd de vaders ook in de gaten
    de broers

    laat haar niet alleen
    laat mij niet alleen

    schrijf een boek

     

  • Kaartje  

    Net thuisgekomen van een rondje vitamines bij de groenteboer en het Kruidvat open ik NRC Handelsblad en lees snotterend, dankzij de heersende griep, een interview met de kandidaten voor het volgende Dichter des Vaderlandsschap. 

    Iedereen heeft een eigen visie op het wel of niet campagnevoeren. Over het algemeen is de tendens dat de stemmen vooral moeten komen van mensen die al van je gedichten houden. Het moet over kwaliteit gaan. Een goed punt, maar de Dichter des Vaderlands moet aan meer kwaliteiten voldoen.

    Op www.dichterdesvaderlands.nl staat als eerste criterium dat de volgende Dichter des Vaderlands ‘in staat moet zijn om op te treden als een enthousiaste poëzieambassadeur’. Het gaat er dus niet alleen om dat je reclame maakt voor jezelf om deze verkiezing te winnen, het gaat erom dat je optreedt als ambassadeur die de aandacht voor de poëzie vergroot.

    Daarvoor moet je niet achter je bureau zitten wachten op de mooie woorden van je fans, daarvoor moet je het land in. Je moet niet te bang zijn om de liefhebbers van poëzie te vermaken en te ontroeren en je moet je best doen om hen kennis te laten maken met het werk van je gewaardeerde collega’s en jezelf.

    Dat werk als ambassadeur van de poëzie ligt mij en dat wil ik graag gaan doen. Leest u voor meer informatie mijn plannen, die eerder op www.decontrabas.com werden geplaatst en die ik u hieronder nogmaals te lezen aanbied.

    Ik snuit mijn neus, sla een yakult achterover (sponsoring is welkom) en lach.

    Hartelijks en tot morgen,

    Tsead Bruinja

    P.S. Wat men tot nu toe van mijn gedichten vond, zowel positief als negatief, en de gedichten zelf vindt u op www.tseadbruinja.nl.

    Plannen Dichter des Vaderlands

    Mocht ik Dichter des Vaderlands worden dan zou ik de poëzie in al haar breedte willen promoten, door middel van:

    1)  Dagblad en webpublicaties en bloemlezingen in de breedte, inclusief poëzie in de Nederlandse dialecten en streektalen en de vertaalde poëzie uit het buitenland.

    a.   Jaarlijks verschijnen er alleen al in het Nederlands zo’n 150 bundels, maar voor al die bundels is er meestal geen aandacht in de bladen en de kranten. Ik zou elke dag op een literair weblog, liefst De Contrabas, in een krant, dat mag de NRC zijn, maar ook de Spits of een andere krant, een gedicht willen plaatsen uit die 150 bundels met een korte toelichting. Het zou ook mogelijk moeten zijn om deze columns via een mailinglist toegestuurd te krijgen.

    b.   Met de hulp van andere dichters/redacteuren, zou ik op diezelfde wijze, op het weblog en in de krant, aandacht willen bieden aan de dichters die niet in het Nederlands schrijven, bijvoorbeeld in het Fries, Gronings, Limburgs of het Drents. Van hen zouden dan zowel het origineel als een vertaling in het Nederlands opgenomen moeten worden, zodat mensen ook kennis kunnen maken met de schat aan anderstalige poëzie die ons land rijk is.

    c.    Nederland kent een aantal voortreffelijke poëzievertalers en zo nu en dan verschijnt er een prachtige boek met vertalingen van buitenlandse dichters. Ook aan die vertalingen zou ik aandacht willen schenken, evenals aan de buitenlandse dichters die ieder jaar te gast zijn bij de festivals, met name bij Poetry International.

    d.   Voor deze rubriek zou ook de mogelijkheid moeten bestaan om gedichten in te sturen, die door een groep van vijf mensen gelezen wordt en waaruit eens per maand een gedicht geselecteerd wordt.

    e.   Deze column/rubriek zou resulteren in een bloemlezing met 365 gedichten, uit het Nederlands, de streektalen/dialecten en andere talen, die bij een landelijke uitgever voor een lage prijs te koop zou moet worden aangeboden op de Gedichtendag van het daaropvolgende jaar, in combinatie met een feestelijke presentatie op een centraal punt van Nederland of via een tournee langs de verschillende grote treinstations van Nederland.

    2)  Optredens en tournees met een groep dichters en vertalers onder de vlag van de Dichter des Vaderlands

    a.   Langs scholen, liefst i.s.m. de educatieve organisaties Doe Maar Dicht Maar en School der Poëzie, waar ik beide al voor gewerkt heb. Het zou gaan om workshops in zowel het schrijven van gedichten als het voorlezen en om lessen waarin dichters vertellen wat ze doen, culminerend in een poëzieavond waarin de dichters en de scholieren samen optreden.

    b.   Lang de kleine zalen van de theaters. Om toonaangevende dichters te zien voorlezen moet men nu naar de grote festivals in de Randstad, terwijl er in bijna elk redelijk dorp wel een goede zaal is om naar dichters te luisteren. Ik zou graag met een goede dwarsdoorsnede van dichtend Nederland langs die zalen reizen, waarbij dichters met muziek en/of dans optreden, naast slam- en podiumdichters en dichters uit het traditionele circuit, met een kort open podium na afloop voor lokaal talent. Het zou mooi zijn als de grote literaire festivals als Poetry International, Winternachten, Crossing Border en Wintertuin aan deze tournee een bijdrage/productie zouden leveren, zodat tijdens de tournee reclame kan worden gemaakt voor die festivals en zij echt iets aan hun landelijke spreiding en uitstraling doen.

    c.    Voor beide tournees geldt dat niet alleen dichters die in het Nederlands schrijven in aanmerking komen. Ook vertalers met een goede voordracht, zouden geschikt kunnen zijn, evenals dichters in de streektalen en dialecten of buitenlandse dichters die Nederland bezoeken.

    3)  De Dichter des Vaderlands subsidie. Mocht het Dichter des Vaderlandsschap geld opleveren, via optredens en schrijfopdrachten voor het bedrijfsleven bijvoorbeeld, dan zou ik 15 % van die opbrengsten onder willen brengen in een fonds. Het fonds zou gedurende vier jaar kleine bijdragen kunnen leveren aan de tournees, zoals die hierboven worden beschreven, aan andere literaire festivals of activiteiten, maar vooral ook aan een prijs voor poëzievertalingen naar het Nederlands, zowel vanuit buitenlandse talen als de Nederlandse streektalen en dialecten, waardoor er meer aandacht komt voor het onderbelichte werk van deze vertalers.