• Dit gedicht van Theo Vossebeld in het Twents is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het komt oorspronkelijk uit 'Zunlech. n Heel deel gedichtn' (De Oare útjouwerij, 1998). De vertaling werd gemaakt door Goaitsen van der Vliet.

    Vossebeld is ook te gast op 27 november 's middags in Harbrinkhoek tijdens een middag rond het Twents en de bloemlezing. Meer informatie daarover op: https://skizze.nl/Skizze-Literair

    Kijk voor meer Twentse literatuur op: www.twentsetaalbank.nl/

    Bange

    Wat dach iej wa’j warn
    a’j in n duuster nog
    de weg op monn
    um de kraante te haaln
    bi-j Bernard op n dreai?

    Wat dach iej wa’j warn
    a’j in n duuster nog
    na de hoonderhukke monn
    vuur de boavndure
    um ze dichte te doon?

    Wat dach iej wa’j warn
    a’j in n duuster nog
    nen arm vol hoolt monn haaln
    in de hooltloze achter de schöppe?

    Oaweral ha’j doonkere geate
    en duustere heuke
    Elkn boom had ne bange kaante
    en um iedern hook zat schrik

    Wierumme noa hoes
    Glee’j makkelik oet
    völ de schöppe hoast op oe
    en in n duuster achter oe
    zag iej dan zo heandig-an
    wa doeznd man

    In t volle lech van de delnlaampe
    zag iej dan eavn
    wier himmoal niks

    *

    Bang

    Wat dacht je wat je was
    als je in het donker nog
    de weg op moest
    om de krant te halen
    bij Bernard op de hoek?

    Wat dacht je wat je was
    als je in het donker nog
    naar de kippenhokken moest
    aan de voorzijde
    om ze dicht te doen?

    Wat dacht je wat je was
    als je in het donker nog
    een arm vol hout moest halen
    in de houtloods achter de schuur?

    Overal had je donkere gaten
    en duistere plekken
    Iedere boom had een bange kant
    en om iedere hoek zat schrik

    Op de terugweg
    gleed je gemakkelijk uit
    viel de schuur haast op je
    en in het donker achter je
    zag je dan zo langzamerhand
    wel duizend man

    In het volle licht van de deellamp
    zag je dan even
    weer helemaal niks

    © Theo Vossebeld
    © Vertaling: Goaitsen van der Vliet

    XyrR1M2GWw750fhIhsDh

     

    Schermafbeelding-2022-11-07-om-15.52.24

    Middag rondom het Twentse dialect en De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie (Querido, 2022) – 27 november te Harbrinkhoek om 15.00u

    Met o.a. Theo Vossebeld, Hans Mellendijk, Dick Schlüter, Gé Nijkamp, Paul Abels + Tsead Bruinja

    Wees welkom op deze middag rondom het Twents en alle andere talen die voorkomen in de De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu, een bloemlezing met streektalen, dialecten, straattaal en meer – samengesteld door Tsead Bruinja. Tijdens deze middag zijn er live voordrachten door Theo Vossebeld (Twents), Hans Mellendijk (Achterhoeks), Dick Schlüter (Twents), Gé Nijkamp (Twents) en Tsead Bruinja (Fries). Daarnaast zullen er versterkt een aantal eerder gemaakte opnames te horen zijn o.a. van gedichten in het Arabisch, Stellingwerfs, Gronings, Drents, Limburgs, Zeeuws en meer. Van alle gedichten zijn vertalingen beschikbaar in het Nederlands die desgewenst ten gehore zullen worden gebracht.

    Locatie: Skizze
    Mekkelenbergweg 30, 7615 PP Harbrinkhoek, Overijssel

    Aanvang: 15.00u
    (deur open om 14.30u)

    Toegang: Gratis.
    Reserveren graag. Het aantal plaatsen is beperkt.

    Merge

    De bloemlezing:

    Tsead Bruinja: “Als Dichter des Vaderlands (2019-2020) nam ik mij voor een inclusieve bloemlezing samen te stellen die ruimte bood aan zo veel mogelijk talen, streektalen en dialecten. Ik plaatste online een oproep om gedichten in te sturen en zat van 2019 tot en met 2022 regelmatig in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag. Collectiespecialist Arno Kuipers speelde daarbij een cruciale rol. Hij haalde voor mij bundels en bloemlezingen uit het depot om door te spitten en regelde een kantoortje. Na drie jaar lezen en mede met steun van de Turing Foundation is er nu eindelijk het resultaat, een bloemlezing die een andere blik biedt op de Nederlandse poëzie, o.a. doordat ze verder kijkt dan de Nederlandse taal. De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie en bevat gedichten uit Nederland, Indonesië, Suriname en de Antillen, maar ook werk van nieuwe Nederlanders uit het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. Het boek wil en kan geen volledig overzicht zijn van de beste gedichten geschreven in het koninkrijk, wel een startschot voor een andere inclusievere blik op onze literatuur en wie daar wel en niet aan meedoet. Irakezen, Iraniërs, Amerikanen en anderen hebben in Nederland werk gemaakt dat met ons te maken heeft. Dat grotere verhaal ontbreekt tot nu toe in de bloemlezingen. “Onze” literatuur is die van Remco Campert, Tjitske Jansen en Radna Fabias, maar ook die van Tsjêbbe Hettinga, Jan Glas, Theo Vossebeld en Nydia Ecury, van Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter en Mia You.”

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

    Overzicht van de talen in de bloemlezing:

    Het Achterhoeks, Afrikaans, Arabisch, Bildts, Brabants, Dari/ Farsi, Drents, Esperanto, Engels, Fries, Genemuidens, Gronings, Hebreeuws, Indonesisch, Kollumerpompsters, Limburgs (o.a. Maastrischts en Kerkraads), Midslander Dialect (Terschellingen), Nederlands, Papiaments, Sarnami, Sranantongo, Stellingwerfs, Twents, Volendams, West-Fries en het Zeeuws.

    Overzicht van de auteurs:

    Amir Afrassiabi, Rik Andreae, Robert Anker, Chairil Anwar, Frank Martinus Arion, Bernardo Ashetu, Shakila Azizzada, Aletta Beaujon, Asaph Ben-Menahem, Ineke Berentschot, Wim Bluemers, Frans Budé, Jac. Bulle, Cándani, Edgar Cairo, Leonne Cramers, Eppie Dam, Kwame Dandilo, Gerrit Hendrik Deunk, R. Dobru, Nydia Ecury, Elisabeth Eybers, Herman Finkers, Aly Freije, Jörgen Gario ‘unom’, Jan Glas, Paula Gomes, Fieke Gosselaar, Halil Gür, Henny Hamhuis, Jan Kornelis Harms, Erik Harteveld, Rein Heerink, Tsjêbbe Hettinga, Hans Heyting, Jelle Kaspersma, Hans Keuper, Henk Kolvoort, Marga Kool, Harm Koops, Everdien Koskamp-Luijmes, Wiel Kusters, Gerrit Lansink, John Leefmans, Titia Lont, Lamia Makaddam, Tip Marugg, Djordje Matić, Hans Mellendijk, Saul van Messel, Steijn Minholts, Raj Mohan, Tiny Mulder, Richard Muller, Jit Narain, Ramsey Nasr, Gerard Nijenhuis, Munye Oduber-Winklaar, Frank van Pamelen, Guillaume Pool, Esther Porcelijn, Sonja Prins, Otjep Rahantoknam, Naji Rahim, Roel Reijntjes, Astrid H. Roemer, Sebastiaan Roes, Arno Römgens, Gerrit Roosink, Suze Sanders, Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter, Johanna Schouten-Elsenhout, Ibrahim Selman, Shrinivási, Sitor Situmorang, Michaël Slory, Albertina Soepboer, Marien Stroo, Frank Tazelaar, H. van Teylingen, Albert Tilma, Sijmen Tol, Trefossa, Jan Siebo Uffen, C.B. Vaandrager, Johan Veenstra, Peter van der Velde, JACE van de Ven, Arie de Viet, Peter Visser, Lammert Voos, Theo Vossebeld, Nina Werkman, Jan Widdershoven, Willem Wilmink, Peer Wittenbols, Mia You en Jan Zwemer.

    Overzicht van de vertalers:

    In veel gevallen hebben de auteurs hun werk zelf vertaald. Die namen heb ik hier weggelaten. De andere vertalers zijn: Cynthia Abrahams, Joost Baars, Benno Barnard, Abdelkader Benali, Hans de Beukelaer, Jan Glas, Tamir Herzberg, Assad Jaber, Esther Jansma, Effendi N. Ketwaru, Henk Krosenbrink, Tsafrira Levy, G.O. Nijland, Kees Nijland, Jan Popkema, Suze Sanders, J.A. Smit, Kees Snoek, Jabik Veenbaas, Willem van der Velde, Dolf Verspoor, Goaitsen van der Vliet en Paul Weelen.

    Een aantal voordrachten zijn te horen op soundcloud:

    https://soundcloud.com/tsead-bruinja/sets/de-eerste-bloemlezing-van-de

  • Samen met muzikant ZEA (Arnold de Boer), fotograaf Rosa van Ederen en gastdichter Hélène Gelèns was ik in zorgcentrum Haersmahiem te Buitenpost voor Portretten in Poëzie.

    Wat niet onvermeld mag blijven is de bijnaam van mevrouw Neeltje van der Veen-Bottema. Haar dochter vertelde bij de presentatie dat Neeltje in haar dorp ook wel ‘dakhaas’ werd genoemd. Die bijnaam kreeg ze omdat ze er als meisje op een vroege wintermorgen in het geniep vandoor was gegaan met een vriendin, om in het barre weer de Elfstedentocht te schaatsen. Nog altijd loopt mevrouw Van der Veen-Bottema als een kievit…

    Lees de gedichten en beluister de muziek die wij voor en met de bewoners maakten en bekijk de foto's op:

    Buithttps://leeuwardencityofliterature.nl/project/portretten-in-poezie/portretten-woonzorgcentrum-haersmahiem/

  • Het Woordenrijk is een radioprogramma over poëzie en literatuur, elke zondag van 13 tot 14 uur. Het werd in 2012 opgericht door Harry Zevenbergen en wordt tegenwoordig gepresenteerd door Adrienne van de Nieuwegiessen en Ricco van Nierop.

    Meer over interviewer Ricco van Nierop: http://miaw.nl/ricco-van-nierop/

    In Het Woordenrijk aandacht voor poëzie in streektalen en dialecten met Tsead Bruinja. Het poëzieprogramma is tegenwoordig zondags tussen 13-14 uur te horen op Den Haag FM.

    Tsead Bruinja was in 2019 en 2020 Dichter des Vaderlands en in die functie schreef hij poëzie naar aanleiding van de actualiteit. Daarnaast nam hij zich voor om aandacht te geven aan Nederlandse poëzie die niet in het Nederladns geschreven wordt, maar toch Nederlands is. Hij deed een oproep en ging zelf op onderzoek in de Koninklijke Bibliotheek en nu is er ‘De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie’. Een dik boek waarin je gedichten vindt van Nederlandse dichters in het Volendams, Zeeuws, Arabisch, Achterhoeks, Limburgs, Gronings en natuurlijk ook het Fries van Bruinja zelf. We spreken uitgebreid met Bruinja over het hoe en waarom van deze bundel en gaan veel voorbeelden horen.

    https://www.denhaagfm.nl/dhfm/4650631/tsead-bruinja-in-het-woordenrijk

  • Dit gedicht van Jac. Bulle (Nieuwe Pekela 1928. – Amsterdam 1995) in het Gronings is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Ik vond het in 'De 100 mooiste Groningse gedichten' (Uitgeverij kleine Uil, 2006). De vertaling werd gemaakt door Jan Glas. Hij was ook zo vriendelijk om het gedicht in te spreken.

    https://www.kleineuil.nl/poezie/de-100-mooiste-groningse-gedichten-details

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

    Rugger

    De eerste dode dij ik zag
    was Rugger, n knecht van ons.
    Mien voader haar hom dood
    in swienhok vonnen,
    en ik heb Rugger zain
    dou hai in kiste lag.

    Zien kiste ston in gaange
    – ’t huus was nogal klaain –
    en ’k heur nog hou zien voader zee:
    – wolst Rugger ook nog even zain? –
    Ik was zes – zeuven joar
    en hailemoal nait baange.

    n Loekie kwam van kiste
    en ik keek verwonderd
    noar Rugger’s rustege gezicht
    dat stil tevreden,
    sikkom vrumd gelukkeg leek.

    ’t Was n daipe, swoare stilte,
    dij doar om ons hong.
    Ik zag hou Rugger’s voader
    schienvat dichter bie hom huil
    en tegen mie dou zee:
    – hest ’t nou goud zain, mien jong? –

    Ik heb niks zegd, allain moar knikt,
    en, ducht mie, hai begreep dit wel,
    want zokswat waarkt zo daip op kinder,
    dat ik mie dit aaltied nog herinner
    en ’t ook nooit vergeten zêl.

    *

    Rugger

    De eerste dode die ik zag
    was Rugger, ’n knecht van ons.
    Mijn vader had hem dood
    in het varkenshok gevonden,
    en ik heb Rugger gezien
    toen hij in de kist lag.

    Zijn kist stond in de gang
    – het huis was nogal klein –
    en ik hoor nog hoe zijn vader zei:
    – wou je Rugger nog even zien? –
    Ik was zes – zeven jaar
    en helemaal niet bang.

    ’n Luikje ging van de kist
    en ik keek verwonderd
    naar Ruggers rustige gezicht
    dat stil tevreden,
    bijna vreemd gelukkig leek.

    ’t Was een diepe, zware stilte,
    die daar om ons hing.
    Ik zag hoe Ruggers vader
    de lantaarn dichter bij hem hield
    en toen tegen mij zei:
    – heb je ’t nu goed gezien, mijn jongen? –

    Ik heb niets gezegd, alleen maar geknikt,
    en, ik denk, hij begreep dit wel,
    want zoiets maakt zo’n indruk op kinderen,
    dat ik mij dit altijd nog herinner
    en het ook nooit zal vergeten.

    © Jac. Bulle
    © Vertaling: Jan Glas

    https://on.soundcloud.com/RRdkd

    Omslag_De_eerste

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie
    101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu

     

  • Dit gedicht van Johan Veenstra in het Stellingwerfs is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het komt oorspronkelijk uit 'Sletel parredies' (Stichting Stellingwarver Schrieversronte, 1994). De vertaling is gemaakt door de auteur.

    Mien oolde huus

    D’r wonen vremde meensken
    in mien oolde huus.
    Meensken in zoemerkleren
    toffelen op et hiem omme.
    Volk dat domweg daenkt
    dat et now heur huus is.

    Mar ze kennen de geluden niet:
    de losliggende voste,
    et amechtige kreunen
    van et huus in de wiend.
    De stemmen van vroeger,
    diej’ d’r altied vernemen kunnen.

    Ze verstaon de woorden
    van een veurbi’je tied niet.
    Ze heuren de iekmulders niet,
    zien de vleermoezen niet.
    En ze kun d’r niet vulen
    wat as ik d’r vule.

    D’r wonen vremde meensken
    in mien oolde huus.
    Aarme meensken,
    et zal heur huus nooit wodden.

    *

    Mijn oude huis

    Er wonen vreemde mensen
    in mijn oude huis.
    Mensen in zomerkleren
    lopen op het erf rond.
    Mensen die domweg denken
    dat het nu hun huis is.

    Maar ze kennen de geluiden niet:
    de losliggende vorstpan,
    het amechtige kreunen
    van het huis in de wind.
    De stemmen van vroeger
    die je er altijd kunt horen.

    Ze verstaan de woorden
    van een voorbije tijd niet.
    Ze horen de meikevers niet,
    zien de vleermuizen niet.
    En ze kunnen er niet voelen
    wat ik er voel.

    Er wonen vreemde mensen
    in mijn oude huis.
    Arme mensen,
    het zal hun huis nooit worden.

    Omslag_De_eerste

    De bloemlezing:

    Tsead Bruinja: “Als Dichter des Vaderlands (2019-2020) nam ik mij voor een inclusieve bloemlezing samen te stellen die ruimte bood aan zo veel mogelijk talen, streektalen en dialecten. Ik plaatste online een oproep om gedichten in te sturen en zat van 2019 tot en met 2022 regelmatig in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag. Collectiespecialist Arno Kuipers speelde daarbij een cruciale rol. Hij haalde voor mij bundels en bloemlezingen uit het depot om door te spitten en regelde een kantoortje. Na drie jaar lezen en mede met steun van de Turing Foundation is er nu eindelijk het resultaat, een bloemlezing die een andere blik biedt op de Nederlandse poëzie, o.a. doordat ze verder kijkt dan de Nederlandse taal. De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie en bevat gedichten uit Nederland, Indonesië, Suriname en de Antillen, maar ook werk van nieuwe Nederlanders uit het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. Het boek wil en kan geen volledig overzicht zijn van de beste gedichten geschreven in het koninkrijk, wel een startschot voor een andere inclusievere blik op onze literatuur en wie daar wel en niet aan meedoet. Irakezen, Iraniërs, Amerikanen en anderen hebben in Nederland werk gemaakt dat met ons te maken heeft. Dat grotere verhaal ontbreekt tot nu toe in de bloemlezingen. “Onze” literatuur is die van Remco Campert, Tjitske Jansen en Radna Fabias, maar ook die van Tsjêbbe Hettinga, Jan Glas, Theo Vossebeld en Nydia Ecury, van Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter en Mia You.”

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

    Overzicht van de talen in de bloemlezing:

    Het Achterhoeks, Afrikaans, Arabisch, Bildts, Brabants, Dari/ Farsi, Drents, Esperanto, Engels, Fries, Genemuidens, Gronings, Hebreeuws, Indonesisch, Kollumerpompsters, Limburgs (o.a. Maastrischts en Kerkraads), Midslander Dialect (Terschellingen), Nederlands, Papiaments, Sarnami, Sranantongo, Stellingwerfs, Twents, Volendams, West-Fries en het Zeeuws.

    Overzicht van de auteurs:

    Amir Afrassiabi, Rik Andreae, Robert Anker, Chairil Anwar, Frank Martinus Arion, Bernardo Ashetu, Shakila Azizzada, Aletta Beaujon, Asaph Ben-Menahem, Ineke Berentschot, Wim Bluemers, Frans Budé, Jac. Bulle, Cándani, Edgar Cairo, Leonne Cramers, Eppie Dam, Kwame Dandilo, Gerrit Hendrik Deunk, R. Dobru, Nydia Ecury, Elisabeth Eybers, Herman Finkers, Aly Freije, Jörgen Gario ‘unom’, Jan Glas, Paula Gomes, Fieke Gosselaar, Halil Gür, Henny Hamhuis, Jan Kornelis Harms, Erik Harteveld, Rein Heerink, Tsjêbbe Hettinga, Hans Heyting, Jelle Kaspersma, Hans Keuper, Henk Kolvoort, Marga Kool, Harm Koops, Everdien Koskamp-Luijmes, Wiel Kusters, Gerrit Lansink, John Leefmans, Titia Lont, Lamia Makaddam, Tip Marugg, Djordje Matić, Hans Mellendijk, Saul van Messel, Steijn Minholts, Raj Mohan, Tiny Mulder, Richard Muller, Jit Narain, Ramsey Nasr, Gerard Nijenhuis, Munye Oduber-Winklaar, Frank van Pamelen, Guillaume Pool, Esther Porcelijn, Sonja Prins, Otjep Rahantoknam, Naji Rahim, Roel Reijntjes, Astrid H. Roemer, Sebastiaan Roes, Arno Römgens, Gerrit Roosink, Suze Sanders, Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter, Johanna Schouten-Elsenhout, Ibrahim Selman, Shrinivási, Sitor Situmorang, Michaël Slory, Albertina Soepboer, Marien Stroo, Frank Tazelaar, H. van Teylingen, Albert Tilma, Sijmen Tol, Trefossa, Jan Siebo Uffen, C.B. Vaandrager, Johan Veenstra, Peter van der Velde, JACE van de Ven, Arie de Viet, Peter Visser, Lammert Voos, Theo Vossebeld, Nina Werkman, Jan Widdershoven, Willem Wilmink, Peer Wittenbols, Mia You en Jan Zwemer.

    Overzicht van de vertalers:

    In veel gevallen hebben de auteurs hun werk zelf vertaald. Die namen heb ik hier weggelaten. De andere vertalers zijn: Cynthia Abrahams, Joost Baars, Benno Barnard, Abdelkader Benali, Hans de Beukelaer, Jan Glas, Tamir Herzberg, Assad Jaber, Esther Jansma, Effendi N. Ketwaru, Henk Krosenbrink, Tsafrira Levy, G.O. Nijland, Kees Nijland, Jan Popkema, Suze Sanders, J.A. Smit, Kees Snoek, Jabik Veenbaas, Willem van der Velde, Dolf Verspoor, Goaitsen van der Vliet en Paul Weelen.

    Een aantal voordrachten zijn te horen op soundcloud: 

    https://soundcloud.com/tsead-bruinja/sets/de-eerste-bloemlezing-van-de

     

  • Maandag 14 november nemen de studenten van ROC Friese Poort voor 1 dag restaurant Steef in Leeuwarden over. Naast een gastronomisch 5 gangen diner zal ik gedichten voorlezen. Er wordt er deze avond ook geld opgehaald voor een goed doel. De winst van de avond wordt gedoneerd aan stichting Wender. Wil je erbij zijn, stuur een mailtje naar kiemsneek@rocfriesepoort.nl o.v.v. 'dinersteef'.

    1666078629639

    "Ieder mens verdient een veilig eigen leven" is het motto van Stichting Wender. Op hun website schrijven ze:

    "Wij helpen je met opvang en ondersteuning om een positieve wending aan je leven te geven. Een eigen plek. Weg van huiselijk geweld. Weg van dak- of thuisloosheid. We bieden veiligheid, rust en structuur. Zodat je weer vooruit kunt kijkt. Durft te dromen. De draad weer oppakt. De touwtjes van je eigen leven in handen neemt. Hoe moeilijk dat soms ook is. Wij zijn er voor je."

    Wender

  • Bewonderde vanochtend een Drentse Dokkumer die prachtig Fries sprak bij Omrop Fryslân en worstelde mij toen door onderstaand gedicht van Eppie Dam in het Pompsters dialect. Het was vroeg en het was even schakelen tussen alle talen. De volgende keer zet ik de wekker nog wat eerder en hou ik mijn kop onder de koude kraan. Hieronder het gedicht.

    Onmacht

    Ik fyn ut niet eerlik
    dat kleine Auke
    doadreedn is.

    Dêrom droom ik naks
    dat ik fergriëmd wor
    deur un nog groatere auto.

    Mar de annere daags
    mankeert mij niks.

    Later staan ik prakkeseernd
    bij ome Douwe
    nar ut draain
    fan e bietemoln te siën.

    Ik moet mij ynhoudn,
    anners steek ik
    myn hand deryn.

    *

    Onmacht

    Ik vind het niet eerlijk
    dat kleine Auke
    doodgereden is.

    Daarom droom ik ’s nachts
    dat ik word vermorzeld
    door een nog grotere auto.

    Maar de volgende dag
    mankeert mij niks.

    Later sta ik in gedachten
    bij oom Douwe te kijken
    naar het draaien
    van de bietenmolen.

    Ik moet mij inhouden,
    anders steek ik
    mijn hand erin.

    © Eppie Dam
    © Vertaling Goaitsen van der Vliet

    Website Eppie Dam: https://www.eppiedam.nl/

    Oorspronkelijke bron: 'De Pomp. Gedichtn yn ut Pompster dialekt' (De Oare útjouwerij, 1988)

    Meer over het Pompsters: https://nds-nl.wikipedia.org/wiki/Pompsters

    De hele uitzending is te beluisteren via:

    https://www.omropfryslan.nl/nl/radio/programma/fryslan-fan-e-moarn/398573

    Het gedicht is te lezen in:

    Omslag_De_eerste

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie
    101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu

  • Dit gedicht van Jan Glas is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het komt oorspronkelijk uit 'Dubbel Glas. Ale gedichten' (Uitgeverij kleine Uil, 2012). De vertaling uit het Gronings is gemaakt door de dichter zelf.

    De mooie bakker

    n Bevroren stoet kinnen je, las ik ooit aargens,
    t beste ien t donker ontdooien.
    Bieveurbeeld ien stoettrommel,
    of langzoam ien koelkast.

    Omdat tiedens t ontdooien, onder ienvloud van licht,
    t meelbestanddail stoerder te verteren wordt,
    mit noame vitamine D zol din minder goud
    deur t lichoam opnomen worden.

    Ik kende n bakker dij zukke mooie blaauwe ogen haar
    dat t twij hemeltjes leken,
    mit ien elk hemeltje n klaaine swaarde zun.
    Hai haar geweldeg staarke aarms van t deeg kneden.
    Ik mos altied kieken noar dij mooie bakker.

    Mor hai kreeg kanker ien zien knij en ging dood.
    Mien fantasieen over de bakker hielden abrupt op.
    Dood begeer ik nait.

    De mooie bakker von traauwens dat verhoal over t
    ontdooien grode onzin. Ik wait t nait.
    Ik wait nait wat ik geloven mot.
    Alle geloof is overgoave.

    Ik haar ofgelopen veujoar
    nog n periode grode behuifte mie over te geven.

    *

    De mooie bakker

    Een bevroren brood kun je, las ik ooit ergens,
    het beste in het donker ontdooien.
    Bijvoorbeeld in een broodtrommel,
    of langzaam in de koelkast.

    Omdat tijdens het ontdooien, onder invloed van licht,
    het meelbestanddeel moeilijker verteerbaar wordt,
    met name vitamine D zou dan minder goed
    door het lichaam worden opgenomen.

    Ik kende een bakker die zulke mooie blauwe ogen had
    dat het twee hemeltjes leken,
    met in elk hemeltje een kleine zwarte zon.
    Hij had geweldig sterke armen van het deeg kneden.
    Ik moest altijd naar die mooie bakker kijken.

    Maar hij kreeg kanker in zijn knie en ging dood.
    Mijn fantasieën over de bakker hielden abrupt op.
    Dood begeer ik niet.

    De mooie bakker vond trouwens dat verhaal over het ontdooien
    grote onzin. Ik weet het niet.
    Ik weet niet wat ik geloven moet.
    Alle geloof is overgave.

    Ik had afgelopen voorjaar
    nog een periode grote behoefte me over te geven.

    © Jan Glas

     

  • Samen met Jörgen Gario 'Unom' was ik te gast bij Spraakmakers op Radio 1 om te praten over "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022).

    Meer over Jörgen Gario 'Unom': http://unomjg.nl/

    Meer over de bloemlezing: De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu (Querido)

    Website Spraakmakers: https://www.nporadio1.nl/programmas/spraakmakers

    Cbxj8b7P

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu

    Een bloemlezing met streektalen, dialecten, straattaal en meer

    Samenstelling: Tsead Bruinja

    Met steun van de Koninklijke Bibliotheek en Turing Foundation

    Uitgegeven door Uitgeverij Querido

    ISBN: 9789021436937

    € 22,99

    Verschijnt 8 november 2022

    Tsead Bruinja: “Als Dichter des Vaderlands (2019-2020) nam ik mij voor een inclusieve bloemlezing samen te stellen die ruimte bood aan zo veel mogelijk talen, streektalen en dialecten. Ik plaatste online een oproep om gedichten in te sturen en zat van 2019 tot en met 2022 regelmatig in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag. Collectiespecialist Arno Kuipers speelde daarbij een cruciale rol. Hij haalde voor mij bundels en bloemlezingen uit het depot om door te spitten en regelde een kantoortje. Na drie jaar lezen en mede met steun van de Turing Foundation is er nu eindelijk het resultaat, een bloemlezing die een andere blik biedt op de Nederlandse poëzie, o.a. doordat ze verder kijkt dan de Nederlandse taal.

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie en bevat gedichten uit Nederland, Indonesië, Suriname en de Antillen, maar ook werk van nieuwe Nederlanders uit het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. Het boek wil en kan geen volledig overzicht zijn van de beste gedichten geschreven in het koninkrijk, wel een startschot voor een andere inclusievere blik op onze literatuur en wie daar wel en niet aan meedoet.

    Irakezen, Iraniërs, Amerikanen en anderen hebben in Nederland werk gemaakt dat met ons te maken heeft. Dat grotere verhaal ontbreekt tot nu toe in de bloemlezingen. “Onze” literatuur is die van Remco Campert, Tjitske Jansen en Radna Fabias, maar ook die van Tsjêbbe Hettinga, Jan Glas en Nydia Ecury, van Mowaffk Al-Sawad en Mia You. Het liefst zou ik zien dat er nooit meer een bloemlezing verschijnt met louter Nederlandstalige poëzie.”

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

    Evenementen:

    Op 9 november is vindt de presentatie plaats in Perdu – https://perdu.nl/nl/r/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie-100-gedichten-uit-het-koninkrijk-van-1945-tot-nu/

    Op 23 november is er een programma met voordrachten in de Koninklijke Bibliotheek – https://www.kb.nl/actueel/agenda/poeziemiddag-met-tsead-bruinja

    Op 27 november is er een middagprogramma in Harbrinkhoek en op 3 december is er een middagpogramma in Nijmegen bij het Poëziecentrum

    Mocht u ook iets willen organiseren dan hoor ik het graag!

    Overzicht talen:

    Het Achterhoeks, Afrikaans, Arabisch, Bildts, Brabants, Dari/ Farsi, Drents, Esperanto, Engels, Fries, Genemuidens, Gronings, Hebreeuws, Indonesisch, Kollumerpompsters, Limburgs (o.a. Maastrischts en Kerkraads), Midslander Dialect (Terschellingen), Nederlands, Papiaments, Sarnami, Sranantongo, Stellingwerfs, Twents, Volendams, West-Fries en het Zeeuws.

    Overzicht auteurs:

    Amir Afrassiabi, Rik Andreae, Robert Anker, Chairil Anwar, Frank Martinus Arion, Bernardo Ashetu, Shakila Azizzada, Aletta Beaujon, Asaph Ben-Menahem, Ineke Berentschot, Wim Bluemers, Frans Budé, Jac. Bulle, Cándani, Edgar Cairo, Leonne Cramers, Eppie Dam, Kwame Dandilo, Gerrit Hendrik Deunk, R. Dobru, Nydia Ecury, Elisabeth Eybers, Herman Finkers, Aly Freije, Jörgen Gario ‘unom’, Jan Glas, Paula Gomes, Fieke Gosselaar, Halil Gür, Henny Hamhuis, Jan Kornelis Harms, Erik Harteveld, Rein Heerink, Tsjêbbe Hettinga, Hans Heyting, Jelle Kaspersma, Hans Keuper, Henk Kolvoort, Marga Kool, Harm Koops, Everdien Koskamp-Luijmes, Wiel Kusters, Gerrit Lansink, John Leefmans, Titia Lont, Lamia Makaddam, Tip Marugg, Djordje Matić, Hans Mellendijk, Saul van Messel, Steijn Minholts, Raj Mohan, Tiny Mulder, Richard Muller, Jit Narain, Ramsey Nasr, Gerard Nijenhuis, Munye Oduber-Winklaar, Frank van Pamelen, Guillaume Pool, Esther Porcelijn, Sonja Prins, Otjep Rahantoknam, Naji Rahim, Roel Reijntjes, Astrid H. Roemer, Sebastiaan Roes, Arno Römgens, Gerrit Roosink, Suze Sanders, Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter, Johanna Schouten-Elsenhout, Ibrahim Selman, Shrinivási, Sitor Situmorang, Michaël Slory, Albertina Soepboer, Marien Stroo, Frank Tazelaar, H. van Teylingen, Albert Tilma, Sijmen Tol, Trefossa, Jan Siebo Uffen, C.B. Vaandrager, Johan Veenstra, Peter van der Velde, JACE van de Ven, Arie de Viet, Peter Visser, Lammert Voos, Theo Vossebeld, Nina Werkman, Jan Widdershoven, Willem Wilmink, Peer Wittenbols, Mia You en Jan Zwemer.

    Overzicht vertalers:

    In veel gevallen hebben de auteurs hun werk zelf vertaald. Die namen heb ik hier weggelaten. De andere vertalers zijn: Cynthia Abrahams, Joost Baars, Benno Barnard, Abdelkader Benali, Hans de Beukelaer, Jan Glas, Tamir Herzberg, Assad Jaber, Esther Jansma, Effendi N. Ketwaru, Henk Krosenbrink, Tsafrira Levy, G.O. Nijland, Kees Nijland, Jan Popkema, Suze Sanders, J.A. Smit, Kees Snoek, Jabik Veenbaas, Willem van der Velde, Dolf Verspoor, Goaitsen van der Vliet en Paul Weelen.

    Een aantal voordrachten zijn te horen op soundcloud:

    https://soundcloud.com/tsead-bruinja/sets/de-eerste-bloemlezing-van-de

  • Dit gedicht van Sebastiaan Roes is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het komt oorspronkelijk uit Uit: 'Arfgood. Verzamelde gedichten' (Fagus, 2009). In plaats van een vertaling koos de dichter voor een verklarende woordenlijst.

    Oldern

    De hoed wordt vaal en
    grow en gries

    In ’t spegel
    de waorheid
    en ’t bewies

    ‘De meeste eerpels
    He’k noo wal ehad’

    Ik draej mi-j umme
    en wil naor boetn,
    de straote op,
    ’t park in

    Lopen wordt gaon,
    gaon wordt gengeln,
    gengeln

    stramphampeln

    Gelukkeg bunt der benkskes
    ‘Smiet ow dale!’,
    steet der op

    En dat doo’k,
    nen langen meddag lank.

    Dan, verkeld,
    op hoes op-an.

    En wachten op den nacht.

    © Sebastiaan Roes

    Verklarende woordenlijst:

    hoed: huid
    gengeln: slenteren
    stramphampeln: struikelen (zich struikelend voortbewegen)
    ‘Smiet ow dale!’: ‘Smijt je neer!’, lees: ‘Ga zitten!’
    verkeld: verkouden (hier: onderkoeld

    'Arfgood' kun je bestellen via:

    http://www.fagus-uitgeverij.nl/site/verschenen/Artikelen/2009/11/27_Arfgood.html

    Meer informatie over de bloemlezing:

    101_gedichten

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/