• Dit gedicht van Jac. Bulle (Nieuwe Pekela 1928. – Amsterdam 1995) in het Gronings is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Ik vond het in 'De 100 mooiste Groningse gedichten' (Uitgeverij kleine Uil, 2006). De vertaling werd gemaakt door Jan Glas. Hij was ook zo vriendelijk om het gedicht in te spreken.

    https://www.kleineuil.nl/poezie/de-100-mooiste-groningse-gedichten-details

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

    Rugger

    De eerste dode dij ik zag
    was Rugger, n knecht van ons.
    Mien voader haar hom dood
    in swienhok vonnen,
    en ik heb Rugger zain
    dou hai in kiste lag.

    Zien kiste ston in gaange
    – ’t huus was nogal klaain –
    en ’k heur nog hou zien voader zee:
    – wolst Rugger ook nog even zain? –
    Ik was zes – zeuven joar
    en hailemoal nait baange.

    n Loekie kwam van kiste
    en ik keek verwonderd
    noar Rugger’s rustege gezicht
    dat stil tevreden,
    sikkom vrumd gelukkeg leek.

    ’t Was n daipe, swoare stilte,
    dij doar om ons hong.
    Ik zag hou Rugger’s voader
    schienvat dichter bie hom huil
    en tegen mie dou zee:
    – hest ’t nou goud zain, mien jong? –

    Ik heb niks zegd, allain moar knikt,
    en, ducht mie, hai begreep dit wel,
    want zokswat waarkt zo daip op kinder,
    dat ik mie dit aaltied nog herinner
    en ’t ook nooit vergeten zêl.

    *

    Rugger

    De eerste dode die ik zag
    was Rugger, ’n knecht van ons.
    Mijn vader had hem dood
    in het varkenshok gevonden,
    en ik heb Rugger gezien
    toen hij in de kist lag.

    Zijn kist stond in de gang
    – het huis was nogal klein –
    en ik hoor nog hoe zijn vader zei:
    – wou je Rugger nog even zien? –
    Ik was zes – zeven jaar
    en helemaal niet bang.

    ’n Luikje ging van de kist
    en ik keek verwonderd
    naar Ruggers rustige gezicht
    dat stil tevreden,
    bijna vreemd gelukkig leek.

    ’t Was een diepe, zware stilte,
    die daar om ons hing.
    Ik zag hoe Ruggers vader
    de lantaarn dichter bij hem hield
    en toen tegen mij zei:
    – heb je ’t nu goed gezien, mijn jongen? –

    Ik heb niets gezegd, alleen maar geknikt,
    en, ik denk, hij begreep dit wel,
    want zoiets maakt zo’n indruk op kinderen,
    dat ik mij dit altijd nog herinner
    en het ook nooit zal vergeten.

    © Jac. Bulle
    © Vertaling: Jan Glas

    https://on.soundcloud.com/RRdkd

    Omslag_De_eerste

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie
    101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu

     

  • Dit gedicht van Johan Veenstra in het Stellingwerfs is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het komt oorspronkelijk uit 'Sletel parredies' (Stichting Stellingwarver Schrieversronte, 1994). De vertaling is gemaakt door de auteur.

    Mien oolde huus

    D’r wonen vremde meensken
    in mien oolde huus.
    Meensken in zoemerkleren
    toffelen op et hiem omme.
    Volk dat domweg daenkt
    dat et now heur huus is.

    Mar ze kennen de geluden niet:
    de losliggende voste,
    et amechtige kreunen
    van et huus in de wiend.
    De stemmen van vroeger,
    diej’ d’r altied vernemen kunnen.

    Ze verstaon de woorden
    van een veurbi’je tied niet.
    Ze heuren de iekmulders niet,
    zien de vleermoezen niet.
    En ze kun d’r niet vulen
    wat as ik d’r vule.

    D’r wonen vremde meensken
    in mien oolde huus.
    Aarme meensken,
    et zal heur huus nooit wodden.

    *

    Mijn oude huis

    Er wonen vreemde mensen
    in mijn oude huis.
    Mensen in zomerkleren
    lopen op het erf rond.
    Mensen die domweg denken
    dat het nu hun huis is.

    Maar ze kennen de geluiden niet:
    de losliggende vorstpan,
    het amechtige kreunen
    van het huis in de wind.
    De stemmen van vroeger
    die je er altijd kunt horen.

    Ze verstaan de woorden
    van een voorbije tijd niet.
    Ze horen de meikevers niet,
    zien de vleermuizen niet.
    En ze kunnen er niet voelen
    wat ik er voel.

    Er wonen vreemde mensen
    in mijn oude huis.
    Arme mensen,
    het zal hun huis nooit worden.

    Omslag_De_eerste

    De bloemlezing:

    Tsead Bruinja: “Als Dichter des Vaderlands (2019-2020) nam ik mij voor een inclusieve bloemlezing samen te stellen die ruimte bood aan zo veel mogelijk talen, streektalen en dialecten. Ik plaatste online een oproep om gedichten in te sturen en zat van 2019 tot en met 2022 regelmatig in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag. Collectiespecialist Arno Kuipers speelde daarbij een cruciale rol. Hij haalde voor mij bundels en bloemlezingen uit het depot om door te spitten en regelde een kantoortje. Na drie jaar lezen en mede met steun van de Turing Foundation is er nu eindelijk het resultaat, een bloemlezing die een andere blik biedt op de Nederlandse poëzie, o.a. doordat ze verder kijkt dan de Nederlandse taal. De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie en bevat gedichten uit Nederland, Indonesië, Suriname en de Antillen, maar ook werk van nieuwe Nederlanders uit het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. Het boek wil en kan geen volledig overzicht zijn van de beste gedichten geschreven in het koninkrijk, wel een startschot voor een andere inclusievere blik op onze literatuur en wie daar wel en niet aan meedoet. Irakezen, Iraniërs, Amerikanen en anderen hebben in Nederland werk gemaakt dat met ons te maken heeft. Dat grotere verhaal ontbreekt tot nu toe in de bloemlezingen. “Onze” literatuur is die van Remco Campert, Tjitske Jansen en Radna Fabias, maar ook die van Tsjêbbe Hettinga, Jan Glas, Theo Vossebeld en Nydia Ecury, van Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter en Mia You.”

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

    Overzicht van de talen in de bloemlezing:

    Het Achterhoeks, Afrikaans, Arabisch, Bildts, Brabants, Dari/ Farsi, Drents, Esperanto, Engels, Fries, Genemuidens, Gronings, Hebreeuws, Indonesisch, Kollumerpompsters, Limburgs (o.a. Maastrischts en Kerkraads), Midslander Dialect (Terschellingen), Nederlands, Papiaments, Sarnami, Sranantongo, Stellingwerfs, Twents, Volendams, West-Fries en het Zeeuws.

    Overzicht van de auteurs:

    Amir Afrassiabi, Rik Andreae, Robert Anker, Chairil Anwar, Frank Martinus Arion, Bernardo Ashetu, Shakila Azizzada, Aletta Beaujon, Asaph Ben-Menahem, Ineke Berentschot, Wim Bluemers, Frans Budé, Jac. Bulle, Cándani, Edgar Cairo, Leonne Cramers, Eppie Dam, Kwame Dandilo, Gerrit Hendrik Deunk, R. Dobru, Nydia Ecury, Elisabeth Eybers, Herman Finkers, Aly Freije, Jörgen Gario ‘unom’, Jan Glas, Paula Gomes, Fieke Gosselaar, Halil Gür, Henny Hamhuis, Jan Kornelis Harms, Erik Harteveld, Rein Heerink, Tsjêbbe Hettinga, Hans Heyting, Jelle Kaspersma, Hans Keuper, Henk Kolvoort, Marga Kool, Harm Koops, Everdien Koskamp-Luijmes, Wiel Kusters, Gerrit Lansink, John Leefmans, Titia Lont, Lamia Makaddam, Tip Marugg, Djordje Matić, Hans Mellendijk, Saul van Messel, Steijn Minholts, Raj Mohan, Tiny Mulder, Richard Muller, Jit Narain, Ramsey Nasr, Gerard Nijenhuis, Munye Oduber-Winklaar, Frank van Pamelen, Guillaume Pool, Esther Porcelijn, Sonja Prins, Otjep Rahantoknam, Naji Rahim, Roel Reijntjes, Astrid H. Roemer, Sebastiaan Roes, Arno Römgens, Gerrit Roosink, Suze Sanders, Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter, Johanna Schouten-Elsenhout, Ibrahim Selman, Shrinivási, Sitor Situmorang, Michaël Slory, Albertina Soepboer, Marien Stroo, Frank Tazelaar, H. van Teylingen, Albert Tilma, Sijmen Tol, Trefossa, Jan Siebo Uffen, C.B. Vaandrager, Johan Veenstra, Peter van der Velde, JACE van de Ven, Arie de Viet, Peter Visser, Lammert Voos, Theo Vossebeld, Nina Werkman, Jan Widdershoven, Willem Wilmink, Peer Wittenbols, Mia You en Jan Zwemer.

    Overzicht van de vertalers:

    In veel gevallen hebben de auteurs hun werk zelf vertaald. Die namen heb ik hier weggelaten. De andere vertalers zijn: Cynthia Abrahams, Joost Baars, Benno Barnard, Abdelkader Benali, Hans de Beukelaer, Jan Glas, Tamir Herzberg, Assad Jaber, Esther Jansma, Effendi N. Ketwaru, Henk Krosenbrink, Tsafrira Levy, G.O. Nijland, Kees Nijland, Jan Popkema, Suze Sanders, J.A. Smit, Kees Snoek, Jabik Veenbaas, Willem van der Velde, Dolf Verspoor, Goaitsen van der Vliet en Paul Weelen.

    Een aantal voordrachten zijn te horen op soundcloud: 

    https://soundcloud.com/tsead-bruinja/sets/de-eerste-bloemlezing-van-de

     

  • Maandag 14 november nemen de studenten van ROC Friese Poort voor 1 dag restaurant Steef in Leeuwarden over. Naast een gastronomisch 5 gangen diner zal ik gedichten voorlezen. Er wordt er deze avond ook geld opgehaald voor een goed doel. De winst van de avond wordt gedoneerd aan stichting Wender. Wil je erbij zijn, stuur een mailtje naar kiemsneek@rocfriesepoort.nl o.v.v. 'dinersteef'.

    1666078629639

    "Ieder mens verdient een veilig eigen leven" is het motto van Stichting Wender. Op hun website schrijven ze:

    "Wij helpen je met opvang en ondersteuning om een positieve wending aan je leven te geven. Een eigen plek. Weg van huiselijk geweld. Weg van dak- of thuisloosheid. We bieden veiligheid, rust en structuur. Zodat je weer vooruit kunt kijkt. Durft te dromen. De draad weer oppakt. De touwtjes van je eigen leven in handen neemt. Hoe moeilijk dat soms ook is. Wij zijn er voor je."

    Wender

  • Bewonderde vanochtend een Drentse Dokkumer die prachtig Fries sprak bij Omrop Fryslân en worstelde mij toen door onderstaand gedicht van Eppie Dam in het Pompsters dialect. Het was vroeg en het was even schakelen tussen alle talen. De volgende keer zet ik de wekker nog wat eerder en hou ik mijn kop onder de koude kraan. Hieronder het gedicht.

    Onmacht

    Ik fyn ut niet eerlik
    dat kleine Auke
    doadreedn is.

    Dêrom droom ik naks
    dat ik fergriëmd wor
    deur un nog groatere auto.

    Mar de annere daags
    mankeert mij niks.

    Later staan ik prakkeseernd
    bij ome Douwe
    nar ut draain
    fan e bietemoln te siën.

    Ik moet mij ynhoudn,
    anners steek ik
    myn hand deryn.

    *

    Onmacht

    Ik vind het niet eerlijk
    dat kleine Auke
    doodgereden is.

    Daarom droom ik ’s nachts
    dat ik word vermorzeld
    door een nog grotere auto.

    Maar de volgende dag
    mankeert mij niks.

    Later sta ik in gedachten
    bij oom Douwe te kijken
    naar het draaien
    van de bietenmolen.

    Ik moet mij inhouden,
    anders steek ik
    mijn hand erin.

    © Eppie Dam
    © Vertaling Goaitsen van der Vliet

    Website Eppie Dam: https://www.eppiedam.nl/

    Oorspronkelijke bron: 'De Pomp. Gedichtn yn ut Pompster dialekt' (De Oare útjouwerij, 1988)

    Meer over het Pompsters: https://nds-nl.wikipedia.org/wiki/Pompsters

    De hele uitzending is te beluisteren via:

    https://www.omropfryslan.nl/nl/radio/programma/fryslan-fan-e-moarn/398573

    Het gedicht is te lezen in:

    Omslag_De_eerste

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie
    101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu

  • Dit gedicht van Jan Glas is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het komt oorspronkelijk uit 'Dubbel Glas. Ale gedichten' (Uitgeverij kleine Uil, 2012). De vertaling uit het Gronings is gemaakt door de dichter zelf.

    De mooie bakker

    n Bevroren stoet kinnen je, las ik ooit aargens,
    t beste ien t donker ontdooien.
    Bieveurbeeld ien stoettrommel,
    of langzoam ien koelkast.

    Omdat tiedens t ontdooien, onder ienvloud van licht,
    t meelbestanddail stoerder te verteren wordt,
    mit noame vitamine D zol din minder goud
    deur t lichoam opnomen worden.

    Ik kende n bakker dij zukke mooie blaauwe ogen haar
    dat t twij hemeltjes leken,
    mit ien elk hemeltje n klaaine swaarde zun.
    Hai haar geweldeg staarke aarms van t deeg kneden.
    Ik mos altied kieken noar dij mooie bakker.

    Mor hai kreeg kanker ien zien knij en ging dood.
    Mien fantasieen over de bakker hielden abrupt op.
    Dood begeer ik nait.

    De mooie bakker von traauwens dat verhoal over t
    ontdooien grode onzin. Ik wait t nait.
    Ik wait nait wat ik geloven mot.
    Alle geloof is overgoave.

    Ik haar ofgelopen veujoar
    nog n periode grode behuifte mie over te geven.

    *

    De mooie bakker

    Een bevroren brood kun je, las ik ooit ergens,
    het beste in het donker ontdooien.
    Bijvoorbeeld in een broodtrommel,
    of langzaam in de koelkast.

    Omdat tijdens het ontdooien, onder invloed van licht,
    het meelbestanddeel moeilijker verteerbaar wordt,
    met name vitamine D zou dan minder goed
    door het lichaam worden opgenomen.

    Ik kende een bakker die zulke mooie blauwe ogen had
    dat het twee hemeltjes leken,
    met in elk hemeltje een kleine zwarte zon.
    Hij had geweldig sterke armen van het deeg kneden.
    Ik moest altijd naar die mooie bakker kijken.

    Maar hij kreeg kanker in zijn knie en ging dood.
    Mijn fantasieën over de bakker hielden abrupt op.
    Dood begeer ik niet.

    De mooie bakker vond trouwens dat verhaal over het ontdooien
    grote onzin. Ik weet het niet.
    Ik weet niet wat ik geloven moet.
    Alle geloof is overgave.

    Ik had afgelopen voorjaar
    nog een periode grote behoefte me over te geven.

    © Jan Glas

     

  • Samen met Jörgen Gario 'Unom' was ik te gast bij Spraakmakers op Radio 1 om te praten over "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022).

    Meer over Jörgen Gario 'Unom': http://unomjg.nl/

    Meer over de bloemlezing: De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu (Querido)

    Website Spraakmakers: https://www.nporadio1.nl/programmas/spraakmakers

    Cbxj8b7P

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu

    Een bloemlezing met streektalen, dialecten, straattaal en meer

    Samenstelling: Tsead Bruinja

    Met steun van de Koninklijke Bibliotheek en Turing Foundation

    Uitgegeven door Uitgeverij Querido

    ISBN: 9789021436937

    € 22,99

    Verschijnt 8 november 2022

    Tsead Bruinja: “Als Dichter des Vaderlands (2019-2020) nam ik mij voor een inclusieve bloemlezing samen te stellen die ruimte bood aan zo veel mogelijk talen, streektalen en dialecten. Ik plaatste online een oproep om gedichten in te sturen en zat van 2019 tot en met 2022 regelmatig in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag. Collectiespecialist Arno Kuipers speelde daarbij een cruciale rol. Hij haalde voor mij bundels en bloemlezingen uit het depot om door te spitten en regelde een kantoortje. Na drie jaar lezen en mede met steun van de Turing Foundation is er nu eindelijk het resultaat, een bloemlezing die een andere blik biedt op de Nederlandse poëzie, o.a. doordat ze verder kijkt dan de Nederlandse taal.

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie en bevat gedichten uit Nederland, Indonesië, Suriname en de Antillen, maar ook werk van nieuwe Nederlanders uit het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. Het boek wil en kan geen volledig overzicht zijn van de beste gedichten geschreven in het koninkrijk, wel een startschot voor een andere inclusievere blik op onze literatuur en wie daar wel en niet aan meedoet.

    Irakezen, Iraniërs, Amerikanen en anderen hebben in Nederland werk gemaakt dat met ons te maken heeft. Dat grotere verhaal ontbreekt tot nu toe in de bloemlezingen. “Onze” literatuur is die van Remco Campert, Tjitske Jansen en Radna Fabias, maar ook die van Tsjêbbe Hettinga, Jan Glas en Nydia Ecury, van Mowaffk Al-Sawad en Mia You. Het liefst zou ik zien dat er nooit meer een bloemlezing verschijnt met louter Nederlandstalige poëzie.”

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

    Evenementen:

    Op 9 november is vindt de presentatie plaats in Perdu – https://perdu.nl/nl/r/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie-100-gedichten-uit-het-koninkrijk-van-1945-tot-nu/

    Op 23 november is er een programma met voordrachten in de Koninklijke Bibliotheek – https://www.kb.nl/actueel/agenda/poeziemiddag-met-tsead-bruinja

    Op 27 november is er een middagprogramma in Harbrinkhoek en op 3 december is er een middagpogramma in Nijmegen bij het Poëziecentrum

    Mocht u ook iets willen organiseren dan hoor ik het graag!

    Overzicht talen:

    Het Achterhoeks, Afrikaans, Arabisch, Bildts, Brabants, Dari/ Farsi, Drents, Esperanto, Engels, Fries, Genemuidens, Gronings, Hebreeuws, Indonesisch, Kollumerpompsters, Limburgs (o.a. Maastrischts en Kerkraads), Midslander Dialect (Terschellingen), Nederlands, Papiaments, Sarnami, Sranantongo, Stellingwerfs, Twents, Volendams, West-Fries en het Zeeuws.

    Overzicht auteurs:

    Amir Afrassiabi, Rik Andreae, Robert Anker, Chairil Anwar, Frank Martinus Arion, Bernardo Ashetu, Shakila Azizzada, Aletta Beaujon, Asaph Ben-Menahem, Ineke Berentschot, Wim Bluemers, Frans Budé, Jac. Bulle, Cándani, Edgar Cairo, Leonne Cramers, Eppie Dam, Kwame Dandilo, Gerrit Hendrik Deunk, R. Dobru, Nydia Ecury, Elisabeth Eybers, Herman Finkers, Aly Freije, Jörgen Gario ‘unom’, Jan Glas, Paula Gomes, Fieke Gosselaar, Halil Gür, Henny Hamhuis, Jan Kornelis Harms, Erik Harteveld, Rein Heerink, Tsjêbbe Hettinga, Hans Heyting, Jelle Kaspersma, Hans Keuper, Henk Kolvoort, Marga Kool, Harm Koops, Everdien Koskamp-Luijmes, Wiel Kusters, Gerrit Lansink, John Leefmans, Titia Lont, Lamia Makaddam, Tip Marugg, Djordje Matić, Hans Mellendijk, Saul van Messel, Steijn Minholts, Raj Mohan, Tiny Mulder, Richard Muller, Jit Narain, Ramsey Nasr, Gerard Nijenhuis, Munye Oduber-Winklaar, Frank van Pamelen, Guillaume Pool, Esther Porcelijn, Sonja Prins, Otjep Rahantoknam, Naji Rahim, Roel Reijntjes, Astrid H. Roemer, Sebastiaan Roes, Arno Römgens, Gerrit Roosink, Suze Sanders, Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter, Johanna Schouten-Elsenhout, Ibrahim Selman, Shrinivási, Sitor Situmorang, Michaël Slory, Albertina Soepboer, Marien Stroo, Frank Tazelaar, H. van Teylingen, Albert Tilma, Sijmen Tol, Trefossa, Jan Siebo Uffen, C.B. Vaandrager, Johan Veenstra, Peter van der Velde, JACE van de Ven, Arie de Viet, Peter Visser, Lammert Voos, Theo Vossebeld, Nina Werkman, Jan Widdershoven, Willem Wilmink, Peer Wittenbols, Mia You en Jan Zwemer.

    Overzicht vertalers:

    In veel gevallen hebben de auteurs hun werk zelf vertaald. Die namen heb ik hier weggelaten. De andere vertalers zijn: Cynthia Abrahams, Joost Baars, Benno Barnard, Abdelkader Benali, Hans de Beukelaer, Jan Glas, Tamir Herzberg, Assad Jaber, Esther Jansma, Effendi N. Ketwaru, Henk Krosenbrink, Tsafrira Levy, G.O. Nijland, Kees Nijland, Jan Popkema, Suze Sanders, J.A. Smit, Kees Snoek, Jabik Veenbaas, Willem van der Velde, Dolf Verspoor, Goaitsen van der Vliet en Paul Weelen.

    Een aantal voordrachten zijn te horen op soundcloud:

    https://soundcloud.com/tsead-bruinja/sets/de-eerste-bloemlezing-van-de

  • Dit gedicht van Sebastiaan Roes is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het komt oorspronkelijk uit Uit: 'Arfgood. Verzamelde gedichten' (Fagus, 2009). In plaats van een vertaling koos de dichter voor een verklarende woordenlijst.

    Oldern

    De hoed wordt vaal en
    grow en gries

    In ’t spegel
    de waorheid
    en ’t bewies

    ‘De meeste eerpels
    He’k noo wal ehad’

    Ik draej mi-j umme
    en wil naor boetn,
    de straote op,
    ’t park in

    Lopen wordt gaon,
    gaon wordt gengeln,
    gengeln

    stramphampeln

    Gelukkeg bunt der benkskes
    ‘Smiet ow dale!’,
    steet der op

    En dat doo’k,
    nen langen meddag lank.

    Dan, verkeld,
    op hoes op-an.

    En wachten op den nacht.

    © Sebastiaan Roes

    Verklarende woordenlijst:

    hoed: huid
    gengeln: slenteren
    stramphampeln: struikelen (zich struikelend voortbewegen)
    ‘Smiet ow dale!’: ‘Smijt je neer!’, lees: ‘Ga zitten!’
    verkeld: verkouden (hier: onderkoeld

    'Arfgood' kun je bestellen via:

    http://www.fagus-uitgeverij.nl/site/verschenen/Artikelen/2009/11/27_Arfgood.html

    Meer informatie over de bloemlezing:

    101_gedichten

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

  • …wullah, poetry poet, let mi takki you 1 ding: di trobbi hier is dit
    ben van me eigen now zo 66 jari & skerieus ben geen racist, aber
    alle josti op een stokki, uptodate, wats deze shit? ik zeg maar zo
    mi was nog maar een breezer…

    Dit gedicht van Ramsey Nasr is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het gedicht komt uit 'Nasr compacter. Een keuze uit de gedichten van Ramsey Nasr' (De Bezige Bij, 2021).

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/

    Naast ruimte voor streektaal en dialect wilde ik ook graag ruimte bieden aan straattaal. Ramsey Nasr schreef als Dichter des Vaderlands op verzoek van de 4e Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam dit virtuoze en nog altijd actuele gedicht 'Mi have een droom'.

    Arjen van Veelen interviewde Nasr ooit voor voor Onze Taal. Daarbij kwam de totstandkoming van 'mi have een droom' ook uitgebreid ter sprake. Je kunt het interview lezen via de volgende link:

     
    101_gedichten

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu

    Een bloemlezing met streektalen, dialecten, straattaal en meer

    Met steun van de Koninklijke Bibliotheek en Turing Foundation

    Uitgegeven door Uitgeverij Querido

    ISBN: 9789021436937

    € 22,99

    Verschijnt 8 november 2022

    Tsead Bruinja: “Als Dichter des Vaderlands (2019-2020) nam ik mij voor een inclusieve bloemlezing samen te stellen die ruimte bood aan zo veel mogelijk talen, streektalen en dialecten. Ik plaatste online een oproep om gedichten in te sturen en zat van 2019 tot en met 2022 regelmatig in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag. Collectiespecialist Arno Kuipers speelde daarbij een cruciale rol. Hij haalde voor mij bundels en bloemlezingen uit het depot om door te spitten en regelde een kantoortje. Na drie jaar lezen en mede met steun van de Turing Foundation is er nu eindelijk het resultaat, een bloemlezing die een andere blik biedt op de Nederlandse poëzie, o.a. doordat ze verder kijkt dan de Nederlandse taal.

    De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie en bevat gedichten uit Nederland, Indonesië, Suriname en de Antillen, maar ook werk van nieuwe Nederlanders uit het Midden-Oosten en Zuid-Amerika. Het boek wil en kan geen volledig overzicht zijn van de beste gedichten geschreven in het koninkrijk, wel een startschot voor een andere inclusievere blik op onze literatuur en wie daar wel en niet aan meedoet.

    Irakezen, Iraniërs, Amerikanen en anderen hebben in Nederland werk gemaakt dat met ons te maken heeft. Dat grotere verhaal ontbreekt tot nu toe in de bloemlezingen. “Onze” literatuur is die van Remco Campert, Tjitske Jansen en Radna Fabias, maar ook die van Tsjêbbe Hettinga, Jan Glas en Nydia Ecury, van Mowaffk Al-Sawad en Mia You. Het liefst zou ik zien dat er nooit meer een bloemlezing verschijnt met louter Nederlandstalige poëzie.”

    Evenementen:

    Op 9 november is vindt de presentatie plaats in Perdu – https://perdu.nl/nl/r/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie-100-gedichten-uit-het-koninkrijk-van-1945-tot-nu/

    Op 23 november is er een programma met voordrachten in de Koninklijke Bibliotheek – https://www.kb.nl/actueel/agenda/poeziemiddag-met-tsead-bruinja

    Op 27 november is er een middagprogramma in Harbrinkhoek en op 3 december is er een middagpogramma in Nijmegen bij het Poëziecentrum Nederland.

    Mocht u ook iets willen organiseren dan hoor ik het graag via tseadbruinja(apestaartje)hotmail.com!

    Overzicht talen:

    Het Achterhoeks, Afrikaans, Arabisch, Bildts, Brabants, Dari/ Farsi, Drents, Esperanto, Engels, Fries, Genemuidens, Gronings, Hebreeuws, Indonesisch, Kollumerpompsters, Limburgs (o.a. Maastrischts en Kerkraads), Midslander Dialect (Terschellingen), Nederlands, Papiaments, Sarnami, Sranantongo, Stellingwerfs, Twents, Volendams, West-Fries en het Zeeuws.

    Overzicht auteurs:

    Amir Afrassiabi, Rik Andreae, Robert Anker, Chairil Anwar, Frank Martinus Arion, Bernardo Ashetu, Shakila Azizzada, Aletta Beaujon, Asaph Ben-Menahem, Ineke Berentschot, Wim Bluemers, Frans Budé, Jac. Bulle, Cándani, Edgar Cairo, Leonne Cramers, Eppie Dam, Kwame Dandilo, Gerrit Hendrik Deunk, R. Dobru, Nydia Ecury, Elisabeth Eybers, Herman Finkers, Aly Freije, Jörgen Gario ‘unom’, Jan Glas, Paula Gomes, Fieke Gosselaar, Halil Gür, Henny Hamhuis, Jan Kornelis Harms, Erik Harteveld, Rein Heerink, Tsjêbbe Hettinga, Hans Heyting, Jelle Kaspersma, Hans Keuper, Henk Kolvoort, Marga Kool, Harm Koops, Everdien Koskamp-Luijmes, Wiel Kusters, Gerrit Lansink, John Leefmans, Titia Lont, Lamia Makaddam, Tip Marugg, Djordje Matić, Hans Mellendijk, Saul van Messel, Steijn Minholts, Raj Mohan, Tiny Mulder, Richard Muller, Jit Narain, Ramsey Nasr, Gerard Nijenhuis, Munye Oduber-Winklaar, Frank van Pamelen, Guillaume Pool, Esther Porcelijn, Sonja Prins, Otjep Rahantoknam, Naji Rahim, Roel Reijntjes, Astrid H. Roemer, Sebastiaan Roes, Arno Römgens, Gerrit Roosink, Suze Sanders, Mowaffk Al-Sawad, Dick Schlüter, Johanna Schouten-Elsenhout, Ibrahim Selman, Shrinivási, Sitor Situmorang, Michaël Slory, Albertina Soepboer, Marien Stroo, Frank Tazelaar, H. van Teylingen, Albert Tilma, Sijmen Tol, Trefossa, Jan Siebo Uffen, C.B. Vaandrager, Johan Veenstra, Peter van der Velde, JACE van de Ven, Arie de Viet, Peter Visser, Lammert Voos, Theo Vossebeld, Nina Werkman, Jan Widdershoven, Willem Wilmink, Peer Wittenbols, Mia You en Jan Zwemer.

    Overzicht vertalers:

    In veel gevallen hebben de auteurs hun werk zelf vertaald. Die namen heb ik hier weggelaten. De andere vertalers zijn: Cynthia Abrahams, Joost Baars, Benno Barnard, Abdelkader Benali, Hans de Beukelaer, Jan Glas, Tamir Herzberg, Assad Jaber, Esther Jansma, Effendi N. Ketwaru, Henk Krosenbrink, Tsafrira Levy, G.O. Nijland, Kees Nijland, Jan Popkema, Suze Sanders, J.A. Smit, Kees Snoek, Jabik Veenbaas, Willem van der Velde, Dolf Verspoor, Goaitsen van der Vliet en Paul Weelen.

    Een aantal voordrachten zijn te horen op soundcloud:

    https://soundcloud.com/tsead-bruinja/sets/de-eerste-bloemlezing-van-de

     
  • Dit gedicht van Gerrit Lansink is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het komt oorspronkelijk uit 'Pikstrik en aander grei' (De Oare útjouwerij, 2008). De vertaling uit het Twents werd gemaakt door Goaitsen van der Vliet.

     

    Neem ook eens een kijkje bij de rijkelijk gevulde Twentse Taalbank, onder meer om meer werk van Lansink te lezen:

    http://www.twentsetaalbank.nl/details/personen/130.html

     

    Laandleavn en laanddood

     

    De häkselmasien

    dreait de mesn veur n sniezoomp

    tot ne plaat woar n spier stroo,

    mer gen kop deur koomp,

    zoo heank n oaldn Johan noe

    in oktoberduustere vearknschöp

    boavn n eerpelkoarf

    van zienn lestn trad.

     

    Klean Marietje

    loln en kreain den morn nog,

    vergat zikzölf in t op-en-daal

    van t hobbelpeerd,

    ’s noamiddaagns in t zunnerood

    van t eerpellaand

    hebt beskes van de nachtschaa

    t peerd liekstil zat.

     

    In dikn nieevel

    slöp de boerderiej in t veeld,

    de klok slög der half t-döt-der-nich-meer-too,

    morn, noamiddag, oavnd of nach,

    gen een den t doar nog an geet,

    kolndaamp hef n kerteer of wat liedn

    t leavn vortstrekn,

    hier an n eand van t pad.

     

    *

     

    Landleven en landdood

     

    De hakselmachine

    draait de messen voor de snijbak

    tot een plaat waar wel wat stro,

    maar geen hoofd doorheen kan,

    dus hangt oude Johan nu

    in oktoberdonkere varkensschuur

    boven de aardappelmand

    van zijn laatste tred.

     

    Kleine Marietje

    huilde en kraaide die morgen nog,

    vergat zichzelf in het op en neer gaan

    van het hobbelpaard,

    tegen de avond in het zonnerood

    van het aardappelland

    hebben besjes van de nachtschade

    het paard doodstil gezet.

     

    In dikke mist

    slaapt de boerderij in het veld,

    de klok slaat er half het-doet-er-niet-meer-toe,

    morgen, middag, avond of nacht,

    niemand daar die het nog aangaat,

    kolendamp heeft een kwartier of wat geleden

    het leven weggestreken,

    hier aan het einde van het pad.

     

    © Gerrit Lansink

    © Vertaling: Goaitsen van der Vliet

     

     

  •  

    Dit gedicht van Mia You is opgenomen in "De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie – 101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu" (Querido, november 2022). Het gedicht is in de juiste opmaak te lezen op www.cityofliterature.nl/mia-you-proverb/ . Ik plaats hieronder de tekst en de vertaling van Joost Baars om mee te kunnen lezen. Aan de opmaak is hier niet veel te doen helaas. In de bloemlezing staat het gedicht in een opmaak die door Mia You is goedgekeurd.

    Lees meer over Mia You en het gedicht op:

    https://dub.uu.nl/nl/achtergrond/omarm-het-feit-dat-we-een-meertalige-gemeenschap-hebben

    https://www.cityofliterature.nl/en/mia-you-on-languages-mixing-writing-poetry-and-utrecht-as-a-literary-city/

    Mia You en vertaler Joost Baars lezen ook voor tijdens de presentatie op 9 november. Daarvoor kun je je nog aanmelden:

    https://perdu.nl/nl/r/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie-100-gedichten-uit-het-koninkrijk-van-1945-tot-nu/

    Proverb

    bright star, spin faster, spin higher, spin all the splendor of
    us as revolutionary crisis, bright star, we’re here
    regardless of the future, rouse radical ambiance
    not violence, the future is a filter that flatters all

    thus is fake, we awake forever in a sweet unrest
    how faithfully we inventory all the hours, though
    even the seas and seasons have lost track of all measure

    vaster facilities for storage, less held knowledge, how
    industrious the laws that see matter as pro forma
    let it go, bright star, this blade, pulse, breath has no other
    lesson, you’ll burn me from within, just as I’ve done with them
    a mind is a mine, mine, hem roeckt niet wiens huys dat brant
    goes old wisdom, als hi hem by de colen wermen mach
    endless is the chill of not yet, not near, enough –

    Spreekwoord

    blinkende ster, spin sneller, spin hoger, spin onze luister en lof
    uit als revolutionaire crisis, blinkende ster, hier zijn we
    risicotoekomst of niet, roep radicale ambiance
    niet geweld op, de toekomst is filter, flatteert ons allemaal

    trucage dus, wij ontwaken eeuwig in een zoete onrust
    hoe toegewijd schrijven we de uren op, maar ach
    er bestaat zelfs geen zee of seizoen meer met mate

    vemen veel groter, minder kennis bewaard, hoe nauw
    is de greep van de wetten die materie zien als pro forma
    laat het gaan, blinkende ster, deze kling, klop, adem heeft geen ander
    lesje, je zal me van binnenuit verbranden, zoals ik hen idem
    al mijn gedachten mijnschachten, hem roeckt niet wiens huys dat brant
    gaat oude wijsheid, als hi hem by de colen wermen mach
    eindeloos is de rilling van nog niet, niet nader, genoeg –

    © Mia You
    © Vertaling: Joost Baars

    https://www.singeluitgeverijen.nl/querido/boek/de-eerste-bloemlezing-van-de-nederlandse-poezie/