-
't Kan vriezen het kan dooienBij het Friesch Dagblad wordt 'Binnenwereld buitenwijk' iets minder enthousiast ontvangen dan door Trouw, de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden. Die kritiek is natuurlijk prima en wellicht ook terecht, maar de kop boven het stukje en de inleiding lijken zich maar op één aspect van de hele recensie te richten. Ik vraag me bijna af of ze door één en dezelfde persoon geschreven zijn.Wisselvallige poëziebundel van Tsead BruinjaDoor Nels Fahner'Binnenwereld, buitenwijk' heet de nieuwe dichtbundel van Tsead Bruinja. De bundel staat vol gedichten die het moeten hebben van de retorische effecten, en tegelijkertijd een grote maatschappelijke betrokkenheid verraden. Bruinja’s experimenten vliegen echter helaas nogal eens uit de bocht, met als resultaat een wisselvallige bundel.De dichter Tsead Bruinja (Rinsumageest, 1974) onderzoekt in zijn nieuwe bundel 'Binnenwereld, buitenwijk' de relatie van de mens tot de natuur, en dat doet hij vaak op een heel verrassende manier. Het gedicht Ik geef je het woord begint bijvoorbeeld zo: ‘Een man luistert naar de vogels / maar dan net iets langer dan jij en ik / hij neemt het gezang op en rekent uit / hoeveel sneller het hart van de vogel klopt.’Even later zijn de versregels korter, als een verteller die zijn stem laat dalen: ‘Hij neemt de tijd / en vertraagt / de opname.’ Het gedicht sluit af met een intieme constatering: ‘en de vogel antwoordt / de vogel heeft hem verstaan / dat vertelde een vriend me / ik heb hem verstaan.’ In dit gedicht speelt Bruinja met snelheid, door de strofes van het gedicht in lengte te laten variëren.Het is een flonkerend gedicht, en een geslaagd vormexperiment, waarin Bruinja het maximale uit zijn materiaal haalt. Maar – en dat is het slechte nieuws – dat is in Binnenwereld, buitenwijk zeker niet altijd het geval.GebombardeerdIndrukwekkend is het gedicht 'Wat je met een stad kunt doen'. Daarbij wordt het zinnetje ‘een stad wordt eerst een paar dagen gebombardeerd’ telkens herhaald als een refrein, en tussendoor wordt een fictief verhaal over een Afrikaans volk verteld, dat allerlei bijzondere rituelen heeft waarmee ze mensen op het goede pad houden.Dit gedicht heeft een verpletterend effect, zeker als je aan het eind beseft dat Bruinja onze tijd schetst als een terugkeer naar een soort ‘natuurstaat’ van vernietiging, waarbij de techniek wordt gebruikt om de vijand te elimineren. ‘Karretjes werden door de hettieten al gebruikt / als wapens om hun vijanden mee te rammen / in volle vaart.’Cruciale plekkenBruinja dicht over holle woorden in de politiek, over drones, over speelgoed en menselijke verlangens. Het valt op dat op de cruciale plekken in de bundel (het begin en eind van elke afdeling) de sterkste gedichten staan. Wat daartussenin staat is vaak minder van kwaliteit – de stijlmiddelen die Bruinja gebruikt, zoals retorische vragen, herhaling en collageachtige technieken komen in heel wat gedichten niet goed tot hun recht.Dat is jammer. Want de dichter reflecteert wel op thema’s die ertoe doen. Tot de gedichten die je bijblijven behoort 'In de handen van je zoon' waarin Bruinja erin slaagt om je te verplaatsen in het hoofd van een vluchteling, die je voor even zelf wordt: ‘Te moe om je zegeningen te tellen / te woedend om het speelgoed in de handen van je zoon / dat heel andere kilometers heeft afgelegd / te bewonderen.'Bron: Het Friesch Dagblad, 3-10-2015
-
Er kronkelen wormen op de website van The New York Times. Een vriendelijke grijze verslaggever vertelt ons in een filmpje dat door aanpassing van een van hun neuronen, de wormen op afstand bestuurd kunnen worden met behulp van ultrasone geluiden. Al doorklikkend lees ik op nu.nl dat de Amerikaanse defensie chips wil implanteren in de hersenen van getraumatiseerde soldaten, niet om hen op afstand te kunnen besturen, maar om hen te helpen met het herstel van hun geheugen. Het klinkt goed, maar ik vertrouw dat zaakje niet, zeker niet uit de mond van een wereldmacht die haar oorlogen via joysticks beslecht.
Misschien moet ik meer fiducie hebben in de wetenschap. DARPA, de organisatie die werkt aan de desbetreffende traumachips, heeft ook meegewerkt aan het bedenken van het internet en de GPS. Stel dat ik later dementeer, dan kunnen hun chips mij niet alleen een deel van mijn geheugen teruggeven; ze kunnen mijn geliefde ook op de hoogte houden van waar ik met mijn rollator naartoe scharrel.
Naast de geheugenchip zou die geïmplanteerde tomtom veel leed kunnen voorkomen. Dementerende bejaarden schijnen regelmatig de huwelijkse trouw te vergeten en vol goede moed aan een nieuwe seksuele jeugd te beginnen. Je moet hen dat natuurlijk gunnen, maar wat mij betreft mogen gênante situaties waarbij ik met de broek naar beneden in de kamer van een buurvrouw word gevonden, voorkomen worden.
Een geheugenchip zou ook nuttig kunnen zijn voor het schrijven van columns en gedichten. Ik maak graag gebruik van anekdotes uit het verleden, maar meestal herinner ik mij maar een klein deel van wat er voorviel. Met een geheugenupgrade, liefst al te implanteren in de baarmoeder, zou ik mij eindelijk de strenge winter van 1978-1979 voor de geest kunnen halen. Nu moet ik het doen met een foto van een gigantische muur van sneeuw achter ons huis. In die muur is een gang gegraven waarop mijn oudere zus en ik als jongetje van vier te zien zijn. Ik weet er niets meer van.
Ik zou alle keren dat mijn overleden moeder me met haar prikvingers in mijn zij kietelde en “ibetsje, pabbetsje, po” riep, opnieuw willen beleven. Maar ik zou haar dan niet alle dingen kunnen zeggen die ik haar had willen zeggen. Een volledig hersteld geheugen zou mij wel eens compleet kunnen gaan frustreren. Bovendien zorgen gebrekkige herinneringen vaak voor mooie gesprekken. Door mijn chiploze brein moet ik nu mijn vader opbellen of mijn zus opzoeken in Beetsterzwaag om te horen hoe het er tijdens die strenge winter aan toeging.
Misschien moeten de ingrepen in mijn brein zich beperken tot het wormige kronkel-gen. Wormen, fruitvliegjes en mensen schijnen dezelfde methodes te gebruiken om genen uit en aan te zetten. Mocht ik er in het bejaardenhuis op uittrekken, dan piept men mij zo terug.
-
Dit is The Venopian Solitude die The Red Hot Chili Peppers covert. Komende vrijdag brengt ze eigen werk tijdens het Read My World te Amsterdam:
Talkin’ ‘Bout Our Ge Ge Generation – 2 OKT Tolhuistuin – 22:00 – 23:00
Wat gebeurt er wanneer vier artiesten, die elkaar nog nooit hebben ontmoet, één dag samenwerken aan een optreden? Kim Moore (Groot-Brittannië), Dennis Gaens (Nijmegen), The Venopian Solitude (Maleisië) en muzikant Zea (Amsterdam / Friesland) laten komende vrijdag een unieke verzameling gedichten en liedjes horen in het Engels, Nederlands, Fries en Bahasa Malaysia.
Check www.readmyworld.nl/programma voor de rest van het programma!
-
Dennis Gaens maakte de 18e aflevering van zijn podcast Ondercast met bijdragen van Gover Meit, Wout Waanders, Jorina van der Laan, On Eva, Tweetsculpture, Anneke Claus, Daan Doesborgh, Hanneke Hendrix,Maarten van der Graaff, Frank Keizer, Edith Vroon, Joost Oomen en Broeder Dieleman.
Link: http://ondercast.net/2015/09/26/aflevering-18/
Mijn bijdrage bestaat uit een interview dat Gaens met mij hield op basis van vragen uit een interview met de zanger Fish uit de jaren tachtig, een readymade met nieuwe antwoorden.
Je kunt de aflevering ook downloaden of je abonneren via iTunes.
-
Tsead Bruinja tilt het kleine leven uit boven het clichéDoor Janita MonnaEr zijn van die nachten dat het hoofd niet tot slaap te dwingen is. Dat je in bed wat naar het plafond ligt te koekeloeren en je gedachten volstrekt hun eigen gang gaan. Uit het niets duikt ineens de vraag op: 'welke handen startten de machine / die de planken zaagde voor je bed?' En voor je er erg in hebt wandelen die gedachten vanuit dat bed in die stille slaapkamer de wereld over. Of halen ze die met beddenmaker en al je hoofd binnen.
satelliet diplomaat
welke handen startten de machine
die de planken zaagde voor je bed?wie bracht de boom plantte hem
en wie kwam hem halen?naar welk huis keerden ze aan het einde
van hun lange dag terug?als ze mochten kiezen waar jij op hun planken
van zou mogen dromen
wat zouden ze je toewensen?niets slechts geen oorlog of honger
geen groot verlies of verdriet
en dat is wat je verdientwanneer je 's nachts wakker geschud door een vraag
het plafond bekijktde maan door een kier in de gordijnen de planken beschijnt
een satelliet op 36.000 km hoogte eerst jouw huis
en dan dat van de timmerman passeert
jij je ogen weer sluiten er geen verschil meer is
tussen wie je bent aan vergader
of ontbijttafelin of buiten je bed
De hierboven gestelde vraag komt uit het openingsgedicht van de nieuwste bundel van Tsead Bruinja: Binnenwereld, buitenwijk, natuurlijke omstandigheden. Die titel mag even de suggestie wekken dat die werelden gescheiden zouden zijn, meteen in dat nachtelijke openingsvers laat Bruinja zien hoe dunnetjes die scheidslijn tussen binnen- en buitenwereld is, als je al van een 'lijn' zou kunnen spreken. Neemt niet weg dat het eerste deel van de bundel ('binnenwereld') meer gericht is op innerlijke roerselen, terwijl in 'buitenwijk' de blik de andere kant opgaat.Had de van origine Friese Bruinja in zijn vorige bundels, het tweetalige Stofsûgersjongers/Stofzuigerzangers en Overwoekerd, wel de neiging huiselijkheid wat wijd over de regels uit te smeren, daarvan is nu gelukkig geen sprake.In aangenaam rustige, haast vertraagde en tegelijk ritmische, muzikale regels stelt hij vragen die het 'kleine leven', het leven in nabijheid van vrienden en vrouw, boven het anekdotische uittillen. En ook boven het cliché, want wie het heeft over leven ('welk leven dan wel' – vraagt Bruinja vertwijfeld) die heeft het al snel over de tijd die niet stilstaat en of we wel genoeg in het moment zijn geweest en of we dingen anders hadden moeten doen.pokon ja!
bijna in bloei de japanse kers
voor het raam van je kamer
waar ik de seizoenen zagen bijna bezweet de geverfde planken
van de ondergrondse danstent
waar wij verdacht vaak water besteldenje moet met je hoofd omhoog dansen
niet zo naar de punten van je schoenen staren
zei jeen ik keek omhoog
met een chemische glimlach
op mijn gezichtken nu de ijzeren geraamtes tussen de lampen
de zwarte plafonds en de amsterdamse grachten
waar jij me een eerlijke en wrede vraag stelde
over nietzsche’s bejahung des lebensdaar is het altijd om gegaan
over ja en welk leven dan wel
over de japanse kers voor je kamer
bijna in bloeien stof dat we omhoog stampen
van tussen de plankenEr is de wens om gezien te worden, om een verhaal van het leven te maken, die klinkt bijna teder bij Bruinja. Want een leven is meer dan wat op film is vast te leggen, het is ook: 'wie we waren in de harten van onze moeders / vaders broers zussen vrienden en buren / waarin de bal nog rolt / de schoot warm is / de deur open'.verfilmd
voor cas
ze gaan ons leven niet verfilmen
niet hoe we tegen een bal trapten
of bij onze moeder op schoot zaten
niet hoe we liefde weg lieten glippen
of hoe we een nieuwe vlam wonnen
ze gaan ons leven niet verfilmenniet hoe we ons afzetten tegen
onwillig jonge moeders uitzwaaiden
of hoe we diepte leerden vinden
en samen leerden graven
verminkte harten maken slechte scheppenze gaan ons leven niet verfilmen
niet hoe we kinderen vasthouden
en wat ze bij ons losmaken
ondeugend balancerend
op de grenzen van een vriendschapmaar wij kunnen veel hebben
zijn omarmd en weggeduwd
en we staan hier nog steedsze gaan met ons leven niets doen
maar wij werken eraan
er is veel over ons te vertellen
genoeg voor een film een boek
of iets summiers als een straatnaamen niets van dat alles zou uit kunnen drukken
wie we waren in de harten van onze moeders
vaders broers zussen vrienden en buren
waarin de bal nog rolt
de schoot warm is
de deur openniet op maar achter hun gezicht moet je kijken
dat is wat ze ook proberen bij jou te doenDiezelfde Bruinja kan ook fel worden als de buitenwereld – de maatschappij – de binnenwereld instroomt. Aan feiten over wat zich daar allemaal afspeelt hoeft hij zich niet te houden: de dichter is geen journalist, zegt hij terecht. Hij kan wat echt gebeurt (een bombardement van een stad, een drone-aanval) vervlechten met al dan niet verzonnen volksverhalen. Hem staat het vrij om met een geestige omkering te tonen hoe eendimensionaal het denken over bijvoorbeeld asielzoekers of vreemdelingen nog altijd is: 'vijfhonderd koks zangers vissers timmerlui / dokters en wetenschappers stappen vol goede moed / aan boord van een droom om schoonmaker te worden'.Dit is geen loze bezorgdheid over wat er gaande is, dit is wat de werkelijkheid zo nu en dan nodig heeft: poëzie:WESTERN UNIONvijfhonderd koks zangers vissers timmerluidokters en wetenschappers stappen vol goede moedaan boord van een droom om schoonmaker te wordenbij elkaar gespaarde huizen te poetsenof een welverdiende aanbouw te plaatsenna uw promotievalt er een balk op hun hoofd dan zijn ze niet verzekerdbreken ze hun nek als ze uitglijden over een gladde tegelvloerdan zijn ze niet verzekerden terwijl u een pensioen opbouwtom ervoor te zorgen dat u laterniet voor verrassingen komt te staanloopt een van hen langs een muziekwinkelen neuriet keurig ingeburgerdis het lang geleden is het lang geledendat mijn hartje riepmet z'n ding dinge dongis het lang geleden is het lang geledenin de zomerzon ging hetBIM BAM BOM!en stuurt geld naar een nichtjedat haar vader in brand zag staan64 blz.€ 16,95P.s. Deze recensie verscheen op 26-9-2015 in Trouw. Het gedicht 'Western union' werd naast de bespreking geplaatst, de andere gedichten die hier in het geheel erbij staan, heb ik er zelf tussen gezet. -
Als de wekkerradio 6:13 of 7:13 toont, blijf ik nog een minuutje liggen. Verder zwem ik nooit zesentwintig baantjes, word ik niet blij van het tijdstip 13:13 en loop ik nooit de kringloopwinkel uit met een stapeltje van dertien cd’s. Dat is natuurlijk allemaal bijgeloof, dat weet ik ook wel, maar het is mijn bijgeloof. Daarnaast storm ik regelmatig terug de trap op als ik buiten bijna op de fiets wil stappen. De drie keer dat ik het gas daarvoor gecheckt heb, zijn meestal niet genoeg.
Jaren geleden stond er een jongen in de supermarkt ruzie te maken met zijn vriendin. Zij had er genoeg van dat hij iedere keer wanneer hij het getal tweeëntwintig zag, een heel lulverhaal begon. Toen ze al bekvechtend bij de kassa stonden af te rekenen, verscheen als totaalbedrag € 22,22 op het scherm. Zij bewaarde het bonnetje, niet de man. Hij mocht iemand anders continu op zijn favoriete getal attenderen.
Die jonge vrouw gaf gisteren een theatercollege over wiskunde in het DeLaMar Theater in Amsterdam. Haar naam is Ionica Smeets en zij weet op boeiende wijze haar vakgebied toegankelijk te maken voor alfa's zoals mijn buurman Max en ik, die op een regenachtige maandagavond plaatsnamen in Joop van den Ende’s paradepaardje, een plek waar we normaal nooit waren gekomen omdat we beiden niet erg van kluchten, musicals en cabaret houden.
Smeets haalde het voorbeeld van haar geobsedeerde ex aan om uit te leggen dat zijn tik nergens op sloeg. De kans dat je overdreven vaak het getal tweeëntwintig ziet (of het getal dertien) is alleen maar zo groot omdat je er speciaal op let. Ik let dus te veel op dertien en bekommer mij niet genoeg om alle andere getallen om te beseffen dat er niets aan de hand is. Waarschijnlijk is het verstandig dat ik hierover niet te vaak tegen mijn vrouw begin. Zij is weliswaar een alfa net als ik, maar haar vader was wiskundeleraar op het gymnasium. Er zal vast iets van zijn wiskundige genen in haar DNA zijn overgeheveld.
Smeets leerde ons maandagavond om onszelf en de getallen die ons worden gepresenteerd te wantrouwen. Grafieken in kranten en op televisie worden vaak zodanig opgesteld dat het verschil tussen situatie A en situatie B veel groter is dan het lijkt, zodat u blijft kijken, bijvoorbeeld in het geval van de vluchtelingenstroom. Wanneer je die bekijkt vanaf de jaren tachtig zie je een veel minder dreigend beeld dan wanneer je je beperkt tot een grafiekje over de afgelopen vijf jaar. Wie bang is, eet meer chips.
Wie mijn neuroses wat betreft het fornuis twintig jaar lang zou bijhouden, zou daar een weinig spectaculair verloop in vinden. Mijn vrouw hoeft zich weinig zorgen te maken. Wij moeten het grote plaatje zien.Website Ionica Smeets: http://www.ionica.nl/
Deze column werd geschreven voor de Leeuwarder Courant: www.lc.nl
-
Jankobus Seunnenga nam 'Pokon Ja!' onder handen, of beter gezegd onder 'snaren', een gedicht dat ik schreef voor het huwelijk van Dylan Van Rijsbergen en Marloes Blokker en dat ook te vinden is in Binnenwereld buitenwijk natuurlijke omstandigheden (Uitgeverij Cossee).
POKON JA!
bijna in bloei de japanse kers
voor het raam van je kamer
waar ik de seizoenen zagen bijna bezweet de geverfde planken
van de ondergrondse danstent
waar wij verdacht vaak water bestelden
vanwege de pillenje moet met je hoofd omhoog dansen
niet zo naar de punten van je schoenen staren
zei jeen ik keek omhoog
met een chemische glimlach
op mijn gezichtken nu de ijzeren geraamtes tussen de lampen
de zwarte plafonds en de amsterdamse grachten
waar jij me een eerlijke en wrede vraag stelde
over nietzsche’s bejahung des lebensdaar is het altijd om gegaan
over ja en welk leven dan wel
over de japanse kers voor je kamer
bijna in bloeien stof dat we omhoog stampen
van tussen de planken*
Dit is het derde gedicht uit 'Binnenwereld Buitenwijk Natuurlijke Omstandigheden'(Cossee, sept. 2015). Ik schreef het voor het huwelijk van goede vriend Dylan van Rijsbergen (met Marloes Blokker) die in de jaren negentig mij de ogen opende door zijn vriendschap en de introductie van enkele chemische hulpmiddelen. Ik wil hiermee niet zeggen dat iedereen aan de XTC moet. Het is vanzelfsprekend dat je daarmee voorzichtig moet zijn. Het heeft mij destijds geholpen om het leven weer te zien zitten en het heeft me bewust gemaakt van hoeveel liefde ik kon voelen.
Over Nietzsche en de 'bejahung' kun je meer lezen via onderstaande link:
en.wikipedia.org/wiki/Nietzschean_affirmationToen wij het erover hadden, ging het geloof ik ook over Mulisch en of je 'ja' zou zeggen tegen het eeuwige leven. Dat dat misschien wel een plicht was.
We waren jong, maar ik blijf het een mooie vraag vinden.
-
"Wij willen graag een gedicht en iets uit je dagelijks leven," zei documentairemaakster Talitha van der Hoeden. Ik vertelde haar dat ik ter voorkoming van doorzitplekken graag eropuit trek richting kringloopwinkel waar ik zoek naar cd's die ik nog niet heb. Helaas en gelukkig gaan er veel mensen in Amsterdam dood met uitstekende muziekverzamelingen. Mijn vrouw ziet die uitdijende hobby met lede ogen aan. Ons huis raakt volt. Het is een kwestie van tijd voordat de medelijkenpikkers tussenen mijn meters Toto en Dire Straits de pareltjes mogen uitzoeken.
In het filmpje doe ik mijn best vooral niet te laten merken dat ik gefilmd word. U kunt het bewonderen op het nieuwe youtube poëziekanaal van de VPRO, dezelfde omroep waar wij vroeger nooit naar keken. Wij waren van de Tros. Maar die doen praktisch niets aan de edele dichtkunst. Terwijl ik mij als poëet met alle plezier zou inschrijven voor Tobbedansen of Fiets 'm d'r in. Al moet je daar dan wel weer een voertuig voor in elkaar zien te te timmeren. Daar ben ik te onhandig en te lui voor.
Als u een kijkje neemt op dat youtubekanaal kunt u eindelijk eens zien wat dichters dagelijks uitvoeren. De Vlaamse eminence grise Leonard Nolens heeft naast zijn eigen huis een schrijversflatje. Hij rookt daar een sigaretje, trekt ter inspiratie een blik jupiler open, draait vakkundig de dop van zijn vulpen om vervolgens het papier met sierlijke krulletters te lijf te gaan. Nolens werkt.
Erik Jan Harmens, die in kaskraker Hallo Muur in afgemeten strakke zinnen schreef over het afzweren van koning alcohol, zien we wandelen met zijn hond. Hij zit op een terrasje, iets moderner dan zijn Vlaamse collega, regels zijn iphone in te duimen. Ook Harmens werkt.
Dichter des Vaderlands Anne Vegter zien we eveneens schrijvend bezig. Zij laat haar man gedurende een dag een computer door het hele huis tillen, van eetkamertafel naar werkkamer en weer terug. 's Avonds wordt op de voltooiing van het meesterwerk een glas prosecco gedronken. Ik geloof niet dat ik ooit het glas heb geheven op een vers. Het ziet eruit als een briljant excuus.
Het bekijken van de werkzaamheden van de dorstige en voorheen dorstige dichters gaven mij een beetje een schuldgevoel. Had ik het publiek wel het juiste beeld gegeven? Is Bruinja een lanterfanter? Het valt mee. Kunstbroeder Thomas Möhlmann zien we tijdens een zomerse vaderdag de kinderen van school halen waarna ze donuts krijgen.
En Rotterdammer Hans Sleutelaar ouwehoert op de markt met vrienden over wat je allemaal met een gebraden kippetje kunt doen. Ook geen ijverig getyp of gepen bij die twee.
Die kip kan overigens in de pasta, in de sla of met een aardappeltje geserveerd worden. Even dacht ik naar de TELEAC te kijken. Mijn collega's doen nuttige dingen.
*
Deze column verscheen eerder in de Leeuwarder Courant: www.lc.nl
De filmpjes werden gemaakt door Dopplmeister: http://www.dopplmeister.com/
Het poëziekanaal van de VPRO: https://www.youtube.com/
-
De dichter als conciërge van de tijd
Door Eppie Dam
Zo begin je een gedicht als je Tsead Bruinja heet: ‘de aarde is een tas om de schouders van de maan'. Een regel om in te lijsten, maar hoe nu verder met die Chinees aandoende wijsheid? De dichter moet er zelf nog het meest benieuwd naar zijn geweest want de ‘beelden schreeuwden om een vervolg'. Dan worden ze, in de scheppingsfase, doorkruist door televisiebeelden. Op slag verandert het perspectief, ‘want de zon is zo zwaar', en staan we met het gedicht in de Japanse werkelijkheid van Fukushima.
FUKUSHIMA
de aarde is een tas om de schouders van de maan
de aarde is een tas met slappe hengsels
uitgerekte hengsels
want de zon is zo zwaarik werd verliefd op de eerste regel haar a’s lonkten
haar beelden schreeuwden om een vervolgde zon hangt in een tas om de maan haar schouders
ik krijg er warme handen van
het zet de televisie aande beeldspraak verdwijnt in een tunnel
ik moest denken aan de lekkende kerncentrale
zou het daar iets over zeggen?
moet ik het gedicht daar naartoe buigen?ermee onder de armen naar een radioactief strand
waar oude mannen op klapstoeltjes
tevreden in hun emmers kijken
naar vissen die veel groter worden?of zwemt in datzelfde water een aarde?
was het niet een tas
maar een emmer?Het is typerend voor de poëzie van Bruinja, die hooggevoeligheid voor de leefomgeving, waardoor alles met alles in verband staat en meteen veranderlijk is. Het zegt ook iets over zijn nieuwste bundel, waar binnen- en buitenwereld elkaar aftasten, bakkeleien en spiegelgevechten leveren. Het is een voortdurend reflecteren, spreken en tegenspreken, met zowel de keukentafel als de kosmos als decor. Maar uiteindelijk blijft de essentie: de aarde en hoe wij mensen ons ertoe verhouden.
Associatief schrijven betekent bij Bruinja niet dat hij overgeleverd is aan wat zich aan hem opdringt, of de wereld hem voorschotelt. Zijn gedichten staan bol van die wereld, die soms grillig en onverteerbaar is, maar hij kijkt niet lijdzaam toe en toont zich tot in alle vezels betrokken. Daar stopt zijn rol, want hoewel hij de geschiedenis kent, ‘de dichter is geen historicus / de dichter is de conciërge van de tijd'.
* De versie op soundcloud, hier heel fijn van soundscape en geluidseffecten voorzien door Jaap van Keulen bevat de eerste versie van het gedicht. Onderaan dit bericht meer over de uitgebreidere versie van dit gedicht zoals het in de bundel terecht is gekomen.
Bij alle verrassende beelden waar de bundel ons op trakteert, is dit een beeld dat langer blijft hangen. De dichter als conciërge van de tijd, zo hadden wij het in de kunst nog niet bekeken. Maar Bruinja weet, de conciërge mag je nooit onderschatten. Die is beter ingevoerd dan de directeur, kent de pupillen en het personeel, beschikt over antennes, is het oliemannetje dat de machine laat marcheren. Op zo'n manier zou Bruinja dichter willen zijn, maar zodra hij dreigt samen te vallen met die rol, roept hij zichzelf met humor tot de orde: ‘nog even en ik ga de poëzie in / om de wereld te verbeteren'.
BOUILLON
de chef dompelde haar jichtige voet
in het warme water om de soep meer smaak te geven
koks waren populair in de kampenen deze brave burger zucht
op de juiste momentenwanneer hij de krant leest
bewondert hij de daadkracht
geniet hij van de klachtende burgemeester aardt maar moeilijk
in zijn tijdelijke woning
wij zoeken een keurige en rustige plek die privacy biedt
dacht je dat ik voor mijn plezier sliep
in het bed van een ander?de sp-leider bejubelt zichzelf
mijn eerste ervaring in de politiek
was een fietsenrek dat bij het zwembad stond
aan de overkant van een drukke straat
het gemeentebestuur wilde de verplaatsing
op de begroting van het volgende jaar zetten
toen heb ik op een avond met een hele club mensen
het rek naar de overkant gesjouwdnog even en ik ga de poëzie in
om de wereld te verbeterenBij hypersensibel dichterschap ligt chaos op de loer, maar Bruinja beschikt over poëtische hygiëne. Het is bij hem (met uitzonderingen) vooral gecontroleerde chaos. Kijk naar de bijen, de mieren, de mensen. Tsja, de mens – die ‘was graag de kroon op uw schepping geweest' maar ‘moest voor de eer bedanken'. Tsead Bruinja mag de eer in ontvangst nemen dat zijn werk een kroon is op de poëzie.
Bron: deze recensie verscheen op 18-9-2015 in de Leeuwarder Courant en in het Dagblad van het Noorden
**
Over twee versies van 'Wat je met een stad kunt doen'
Eind september 2014 was ik vijf dagen lang gastschrijver van VPRO's Nooit Meer Slapen (www.vpro.nl/nooitmeerslapen.html). Dit was mijn eerste bijdrage.
Ik had gelezen over de Afrikaanse stam, over de geschiedenis van wapens, over IS en luisterde naar de nieuwe cd van Magnus, waarop ik Tom Barman hoorde zingen: "The poet is the janitor of our time."
Dit is niet het betreffende nummer, maar het geeft wel een goed idee van dezelfde plaat.Later zocht ik nog eens naar het verhaal van die stam, zodat ik een link kon toevoegen. Ik las dat het een hoax zou zijn. Daarna vond ik dit stuk over de Babemba stam:
In The Art of Forgiveness, Lovingkindness, and Peace, Jack Kornfield describes an African forgiveness ritual: 'In the Babemba tribe of South Africa, when a person acts irresponsibly or unjustly, he is placed in the center of the village, alone and unfettered. All work ceases, and every man, woman, and child in the village gathers in a large circle around the accused individual. Then each person in the tribe speaks to the accused, one at a time, each recalling the good things the person in the center of the circle has done in his lifetime. Every incident, every experience that can be recalled with any detail and accuracy, is recounted. All his positive attributes, good deeds, strengths, and kindnesses are recited carefully and at length. This tribal ceremony often lasts for several days. At the end, the tribal circle is broken, a joyous celebration takes place, and the person is symbolically and literally welcomed back into the tribe.
Bron: www.throughyourbody.com
Uiteindelijk heb ik het gedicht toch aangepast voor de bundel, al lees ik soms ook de oude versie nog voor.
Hieronder de uiteindelijke bundelversie:
WAT JE MET EEN STAD KUNT DOEN
er bestaat een afrikaans volk dat gelooft
dat ieder mens geboren wordt als goed mens
als goed mens met simpele verlangens
verlangend naar veiligheid liefde vrede geluk
schreef een blogger in indiaeen stad wordt eerst een paar dagen gebombardeerd
daarna worden er zelfmoordenaars op afgestuurd
wanneerer bestaat een volk dat gelooft dat ieder mens
geboren wordt als goed mens
wanneer wanneeriemand iets verkeerds doet nemen ze die man mee
nemen ze die vrouw mee naar het midden van de stadSTAM EROMHEEN
twee dagen lang noemen ze alle goede dingen
die hij of zij gedaan heefteen stad wordt eerst een paar dagen gebombardeerd
karretjes werden door de hettieten al gebruikt
als wapens om hun vijanden mee te rammen
in volle vaartde dichter is geen historicus
de dichter is de conciërge van de tijdwanneer wanneer
wanneeriemand iets verkeerds doet
nemen ze die man of vrouw meetwee dagen lang noemen ze alle goede dingen
die hij of zij gedaan heeft zodat de verbinding
met hun ware aard weer tot stand komt
om hen te herinneren aan wie ze zijnwanneer wanneer
wanneer ze inzien waar ze van losgeraakt zijn
roepen zeik ben goed
ik ben goed
een stadwordt eerst een paar dagen gebombardeerd
totdat wanneerin de middeleeuwen leenden arabieren
van chinezen de slingerarm
geen potten met buskruit maar aan ziektes overleden dieren
werden de vestingmuren over gekatapulteerdik wil niemand op ideeën brengen
psssst kijk eens naar de mogelijkheden in west-afrika
goede abude blogger loog
ik ben je journalist niet
ik ben de tweedehands duimzuiger van je tijdBinnenwereld buitenwijk natuurlijke omstandigheden
Uitgeverij Cossee
ISBN 978 90 5936 609 1 | nur 306
Paperback | 13,6 x 21,5 cm | ca. 64 blz.
€ 16,95O.a. te bestellen via bol.com maar liever nog via uw lokale boekhandel!

Het hele album van Magnus is via Spotify te beluisteren -
Is samen met vier andere dichters (scroll naar onderen of click hier voor hun clips: Anne Vegter, Erik Jan Harmens, Leonard Nolens en Hans Sleutelaar) verfilmd voor VPRO's nieuwe poëziekanaal.
"Tsead Bruinja speurt regelmatig kringloopwinkels af naar cd’s. Bijzondere, die hij nog niet heeft."
Het filmpje werd gemaakt door http://www.dopplmeister.com/"Het YouTube kanaal VPRO Poëzie is met de serie DichterBij gestart over eigentijdse Nederlandse en Vlaamse dichters. De filmpjes zijn bedoeld als bonbonnetjes met twee heerlijke smaken: een gedicht en een schets uit het dagelijks leven van de dichter. Smul ze!"
Neem ook eens kijkje op http://www.vpro.nl/boeken
*
VERFILMD
voor cas
ze gaan ons leven niet verfilmen
niet hoe we tegen een bal trapten
of bij onze moeder op schoot zaten
niet hoe we liefde weg lieten glippen
of hoe we een nieuwe vlam wonnen
ze gaan ons leven niet verfilmenniet hoe we ons afzetten tegen
onwillig jonge moeders uitzwaaiden
of hoe we diepte leerden vinden
en samen leerden graven
verminkte harten maken slechte scheppenze gaan ons leven niet verfilmen
niet hoe we kinderen vasthouden
en wat ze bij ons losmaken
ondeugend balancerend
op de grenzen van een vriendschapmaar wij kunnen veel hebben
zijn omarmd en weggeduwd
en we staan hier nog steedsze gaan met ons leven niets doen
maar wij werken eraan
er is veel over ons te vertellen
genoeg voor een film een boek
of iets summiers als een straatnaamen niets van dat alles zou uit kunnen drukken
wie we waren in de harten van onze moeders
vaders broers zussen vrienden en buren
waarin de bal nog rolt
de schoot warm is
de deur openniet op maar achter hun gezicht moet je kijken
dat is wat ze ook proberen bij jou te doen© Tsead Bruinja
Afkomstig uit de bundel Binnenwereld buitenwijk natuurlijke omstandigheden (Uitgeverij Cossee, 2015)
"VPRO Poëzie start met 5 portretten die nu al te zien zijn (Anne Vegter, Erik Jan Harmens, Leonard Nolens, Hans Sleutelaar en Tsead Bruinja), daarna volgt er wekelijks een nieuw portret, dus abonneer je op dit kanaal!"
Anne Vegter
Erik Jan Harmens
Leonard Nolens
Hans Sleutelaar
*
Verwacht worden nog:
Thomas Möhlmann
Els Moors
Jean Pierre Rawie
Delphine Lecompte
Hester Knibbe
Bart Moeyaert
Maarten Inghels
Marjoleine de Vos
Maud Vanhauwaert
Benno Barnard
F. Starik
Annemieke Gerrist
Fleur Bourgonje
Tjitske Jansen
Max Temmerman
Eva Gerlach
Rens van der Knoop
Esther Jansma
Charlotte van den BroeckWeb: https://www.youtube.com/channel/UC42CgKe3GL3IKQs79LHKEtA











