• In de voorstelling Broedplaats zit ook een prachtig lied gemaakt op een tekst van de Friese dichteres Baukje Wytsma (1946-2022 – https://www.tresoar.nl/literatuur/biografieen/64133b667611185f13bce9f3). Je kunt hier een eerdere opname beluisteren gemaakt door Omrop Fryslân voor Noardewyn Live.

    NIETS IS VOOR EEUWIG (letterlijke vertaling door Tsead)

    Nee, niets is voor eeuwig
    en soms dan doet dat pijn,
    onze weelderige weilanden,
    die zijn er niet meer.

    De liefde voor het landschap,
    het leek zo gewoon,
    ons land zonder vogels
    het valt uit de toon.

    Als het zonlicht op het brede water schijnt,
    komt alles dichterbij…
    De vogels omhoog, de zee in beweging,
    en weer verdwijnt…..

    Ja, alles verandert,
    het landschap, de taal,
    kleuren verdwijnen
    een pijnlijk verhaal.

    Nee, nu niet meer denken,
    wat blijft er nog over
    van de geur en de geluiden,
    van onze mooie natuur.

    Origineel:

    NEAT IS FOAR IVICH

    Nee, neat is foar ivich
    en soms dan docht dat sear,
    ús krûdige greiden,
    dy binn’ der net mear.

    De leafde foar´t lânskip,
    it like sa gewoan,
    ús lân sûnder fûgels
    it falt út de toan.

    As it sinneljocht op it wide wetter skynt,
    komt alles tichtby…
    De fûgels omheech, de see yn beweech,
    en wer ferdwynt…..

    Ja, alles feroaret,
    it lânskip, de taal,
    kleuren ferdwine
    in pynlik ferhaal.

    Nee, no net mear tinke,
    wat bliuwt der noch oer
    fan de rook en de lûden,
    fan ùs moaie natoer.

    © Baukje Wytsma

  • Welkom op mijn blog dat nu verhuisd is.

  • Opus Loco Moto

    Acht kleurrijke abstracte landschapschilderijen van Annemarieke Woltman (1959-1997) gaan een gesprek aan met de muziek van haar broer Herman Woltman en zangeres/trompettiste Ella de Jong. Samen met Tsead Bruinja (Dichter des Vaderlands 2019-2020) schrijven zij nieuwe muziek, liedjes en gedichten geïnspireerd door de schilderijen. De doeken vormen het reizende decor: OPUS LOCO MOTO.

    Broedplaats-2

    Speellijst

    28-08-2025 De FolkHoorn Terschelling
    02-10-2025 MICA Leeuwarden
    03-10-2025 MICA Leeuwarden (premiére)
    04-10-2025 Tour of Art – Theater Posa Lelystad
    05-10-2025 Tour of Art – Theater Posa Lelystad
    22-10-2025 Nicolaaskerk Vlieland
    26-10-2025 Theater Posa Lelystad
    09-11-2025 Kunstmaand Ameland
    15-11-2025 Kunstmaand Ameland
    21-11-2025 Kunstmaand Ameland
    30-11-2025 Podium Pingjum
    24-01-2026 Papagenohuis Lemmer
    05-02-2026 DNK Assen
    22-02-2026 Dorpskerk Huizum
    00-03-2026 Piterkerk Lippenhuizen (datum volgt)
    04-04-2026 Noorderkerk Sneek (met band)

    http://www.ellaandherman.nl/

    Broedplaats-2

  • Llaag

    lees het hele artikel op: https://www.de-lage-landen.com/

    Door Lisa Rooijackers

    In elk nummer van de lage landen signaleren Lisa Rooijackers en Carl De Strycker om beurten opmerkelijke bundels, bijzondere fenomenen of tendensen uit de recente Nederlandstalige poëzie. Deze keer vormen engagement en verbinding de rode draad.

    Dat dichters naast het dichterschap andere functies bekleden, is in de literaire wereld meer norm dan afwijking. De broodschrijver, om nog maar te zwijgen van de brooddichter, is een bedreigde diersoort die minder sympathie of financiering kan verwachten dan de koalabeer. Maar ook los van dat bedroevende feit zijn er nu eenmaal veel dichters die zich niet tot één tak van sport willen beperken en, zoals de vier schrijvers die in deze bespreking aan bod komen, bijvoorbeeld ook muzikant, theatermaker, filosoof, kunstenaar, performer, docent, journalist of columnist zijn. Wellicht dat zij daarom geneigd zijn om te spelen met de grenzen van genres.

    Tsead Bruinja (1974) werkt regelmatig samen met muzikanten en beeldende kunstenaars, Eva Meijer (1980) combineert in hun roman Dagen van glas proza met poëzie, brieven en een onderzoeksverslag, Steve Marreyt (1983) maakte onder zijn alias Edgar Wappenhalter een elpee geïnspireerd op gedichten van Sonja Prins en Max Greyson (1988) modelleert zijn jongste bundel naar een klassieke tragedie. Ze kijken verder dan hun neus lang is, of hun navel diep, hoe persoonlijk hun werk ook wordt.

    Het is dan ook niet verwonderlijk dat in deze bundels, verschenen tussen eind 2024 en begin 2025, sprake is van een zeker engagement. Hoe eigenzinnig de invulling daarvan in elk werk ook is, één aloude boodschap resoneert telkens in meerdere en mindere mate: we hebben elkaar nodig.

    Voormalig Dichter des Vaderlands Tsead Bruinja opent zijn veelzijdige bundel Wat deed ik daar (ondertitel: een voluptueus biografies visiedocument met intermezzo’s en af en toe een gedicht) met een motto van M. Vasalis’ gedicht ‘Duif’ uit Vergezichten en gezichten: “(…)  en ieder leek een bos, zo vol, zo wonderlijk / en in zichzelf gekeerd, prevelend opgericht.” Zoals alle gezichten uit Vasalis’ omgeving voor iets groters komen te staan, zo is ook Bruinja meesterlijk in het creëren van vergezichten door het gedetailleerd en kleurrijk portretteren van wat dichtbij is – de derde afdeling bestaat zelfs alleen maar uit portretten van Friese ouderen. Een van de landschappen die uiteindelijk door zijn gedichten en gezichten schemert, is een in zichzelf gekeerde maatschappij. Daar wil iedereen eigen lijf en bezit beschermen en slaat angst voor de minder fortuinlijke Ander om in vijandigheid. Die vijandigheid is voelbaar bij de buurman met zijn prikkeldraad, maar ook in nationaal (asiel)beleid: “onze regering weet niet meer waar ze haar barmhartigheid heeft gelaten”.

    Tsead Bruinja ruit in zijn gedichten niet op, hij toont mogelijkheden, een alternatief

    Toch wijst Bruinja niet alleen op verbitterde buren die elkaar online opjutten tegen “ongewenste bezoekers”, een verdwenen minderjarige asielzoeker die onder de afkorting “M.o.b.” (“Met onbekende bestemming vertrokken”) zomaar wordt weggearchiveerd, of de “voor luchtfietserij bevattelijke medemens”. Hij toont ook een veerkrachtige vrouw die een gehaktbal door de helft hakt, een gepensioneerde die zich bij stichting VluchtelingenWerk aanmeldt, en het open gezicht van een kind. Ook zij zijn deel van wat ons “samen” dan ook is.

    Het gedicht ‘ik zou je het liefst’ bevat de ontstaansgeschiedenis van een alternatieve, humane maatschappij. Een man heeft “de oplossing voor alles” bij zich in een doosje, waardoor steeds meer mensen zich bij hem voegen. Er wordt koffiegezet, vrienden halen vrienden erbij en “iedereen wil alles verhelpen”. Zo maakt het doosje op slinkse wijze zijn belofte waar, want in dit samenzijn schuilt een heilzaamheid, een geheel dat zijn delen sterker maakt: “en langzaam komt de hele horde bij het doosje staan // wat zijn jullie blij dat jullie elkaar eindelijk hebben gevonden / nooit meer willen jullie elkaar kwijt”.

    Bruinja vertelt de lezer niet of dit een ijdele droom of een concrete aanmoediging is. De dichter ruit niet op, hij toont mogelijkheden, een alternatief. Ondertussen blijft de taal een doel op zichzelf en bekent niet altijd eenduidige kleur. Bruinja bedankt voor gebruikelijke wetmatigheden (dan worden gedichten “voor de politie”), neemt ruimte om te spelen en experimenteren en dat levert veel taaljuwelen op. Zoals in het extreem klankrijke ‘licht, schaduw kwam eerst, toch?’, dat uit de letters van de woorden “licht”, “schaduw” en “boom” bestaat en waar de taal dus leidend is:

    wild licht wil bos als schacht
    wil schoot als bad
    lacht sluw
    om wat?

    Neemt de taal in het ene gedicht het voortouw, in het andere onteert Bruinja haar op crimineel bevredigende wijze: “achterlijk gedicht // met je onnavolgbare katoenen gekef / ik geef je een spuitje tegen de interpretatie”.

    (…)

    Lees het hele artikel op: https://www.de-lage-landen.com/

  • Poëzie van nu 113: ‘Wat deed ik daar’ van Tsead Bruinja

    Mario Molegraaf belicht in deze rubriek recent verschenen bundels van Nederlandse en Vlaamse dichters. Deze keer schrijft hij over Wat deed ik daar van Tsead Bruinja:

    Het is een heel mistige ochtend in Noord-Frankrijk. Ik ga naar Notre Dame de Lorette, een van de vele oorden in de omgeving waar de doden van de Eerste Wereldoorlog worden herdacht. ‘Zon en mist zorgden voor een vreemd effect, kerk en herdenkingstoren zweefden alsof ze een fata morgana waren,’ schreef ik in mijn reisdagboekje. Het treurigste was de ‘ring van de herinnering’, een ‘zich in een eindeloze cirkel uitstrekkend namenmonument, 550.000 van a tot z, allemaal gesneuveld in deze streek, en nu teruggebracht tot een naam, tussen vrienden en vijanden’.

    Ik moest weer aan dit monument denken door het indrukwekkendste Nederlandse gedicht dat ik in lange tijd las: ‘hoeft een naam iets’ van Tsead Bruinja (1974), onderdeel van zijn nieuwe bundel Wat deed ik daar. Hij schreef het gedicht naar aanleiding van ‘het lezen van de 102.000 namen in Kamp Westerbork,’ zegt hij. Maar het is in allerlei onthutsende omstandigheden toepasselijk. Een gedicht dat iedereen moet lezen, een gedicht dat zelfs het kilste hart zal verwarmen.

    P
    Bron afbeelding: https://nl.pinterest.com/pin/523473156698017185/

    Bruinja’s bundel is poëzie met een P. De p van persoonlijk en van onverholen provinciaal, hij schrijft ook in het Fries. De p van plankton en de p van pompoen. De p van paginaloos (inderdaad, paginanummers ontbreken in dit boek) waardoor ik als bespreker met plakpapiertjes aan de slag moet. De p van preek en de p van politiek. De dichter verwijst sarcastisch naar een bekende Wilders-leus: ‘wilt u meer of minder plankton?/ dan gaan we dat regelen’.

    Een rijke bundel is het, alles tussen de p van plan en de p van persiflage. De p van polemiek, poëzie tegen prietpraat: ‘deel je je gebutste waarheden/ met je eigen schorem’. Maar zeker ook de p van pret en dus soms de p van plechtig, bijvoorbeeld in het namengedicht: ‘namen mogen alleen langzaam verdwijnen uit onze gedachten/ en niet voordat ze een afscheidsdansje hebben gemaakt/ op onze bevende lippen’. Ik zei daar bij Notre Dame de Lorette hardop een paar namen. Geen reactie vanuit de mist.

    hoeft een naam iets?

    elke naam moet ten minste
    één keer worden gespeld op het gemeentehuis
    vreugdevol door een ouder die met die naam een geloof
    een held een vriend of een familielid in leven houdt
     
    elke naam moet minstens vierduizend keer
    worden geroepen vanuit een halfopen buitendeur
    terwijl de warme lucht van het avondeten zich
    door een keukenraam een koude kinderneus in krult
     
    alle namen horen zeker vijfmaal op het puntje van de tong
    van een beste vriend te liggen bij de vraag
    naar wie zijn of haar beste vriend is
    en waarom
     
    geen één naam verdient het ongefluisterd te blijven
    en niet via het oor van een geliefde
    buitengewoon vaak de buik van die ander
    te kriebelen
     
    daar zijn namen voor gemaakt
     
    namen horen een leven lang mee te gaan
    en met een leven weet u heel goed
    wat ik bedoel
     
    namen mogen alleen langzaam verdwijnen uit onze gedachten
    en niet voordat ze een afscheidsdansje hebben gemaakt
    op onze beven de lippen
     
    er is geen enkele reden om de naam
    van een muur te schroeven
     
    als die naam niet een nieuw huis
    te wachten staat

    Bron: https://www.mdnl.nl/?p=17640 – website Maatschappij der Nederlandse Letterkunde

  • Metamorfose, een film van Pim Zwier, over de Duitse insecten- en bloemenschilderes en natuuronderzoekster Maria Sibylla Merian (1647-1717) maar vooral ook een film over de relatie tussen rupsen en de planten waar ze op leven, draait binnenkort in de bioscoop.

    Het is een film over Merians prachtige werk, maar ook over hoe zij tot slaaf gemaakte mensen gebruikte voor haar onderzoek naar in Suriname.

    Meta

    Ik mocht erin de rol vertolken van Christoph Arnold. Dat was een mooie ervaring na mijn eerdere rol als boerenhulp Ate in 'Wederopstanding van een klootzak' van Guido van Driel (nog steeds te zien op Netflix).

    6a010536807f4d970b01b8d22e9a78970c

    Hieronder een lijst met bioscopen waar Metamorfose zal draaien:

    Metamorfose

    Heerenstraat Theater: https://www.heerenstraattheater.nl/movies/2746/17/metamorfose
    Zondag 16 maart 15:00 uur

    Visum Mundi: https://www.visummundi.nl/movies/2746/17/metamorfose
    Zondag 16 maart 15:00 uur

    Cinema Gouda: https://www.cinemagouda.nl/film/metamorfose
    Donderdag 20 maart 15:00, zondag 23 maart 13:00, maandag 31 maart 19:00 uur

    Onze Lieve Vrouwe:
    https://kaartverkoop.lievevrouw.nl/mtTicket/performance/10290271?bs=bs
    Donderdag 20 maart om 11:15 uur, zaterdag 22 maart 11:15 uur

    MUSEON: https://www.museon-omniversum.nl/agenda/films/metamorfose
    Do 20 maart 17:00, zon 23 ma 17:00, do 3 april 17:00, zon 6 april 17:00, do 10 april

    De Balie: https://debalie.nl/cinema/metamorfose/
    Donderdag 20 maart

    Filmhuis Den Haag: https://filmhuisdenhaag.nl/films/metamorfose
    Vanaf 20 maart

    LUX: https://www.lux-nijmegen.nl/programma/doc-metamorfose/
    Do 20 maart 19:45 uur, zat 22 maart 16:45 uur, di 25 maart 19:15 uur

    Slieker Film: https://sliekerfilm.nl/film/metamorfose-qa-met-regisseur-pim-zwier/#movie-events
    Ma 24 maart 19:15 uur

    Pixlife Brouwersdam: https://pixlife.nl/films/?start_date=17-02-2025&end_date=31-12-2026&product_id=318&product_date=26-04-2025
    Zat 26 april 14:30 uur, zat 31 april 14:30 uur, 25 juni 14:30 uur

    Pixlife: https://pixlife.nl/films-lezingen/?start_date=04-03-2025&end_date=31-12-2026&product_id=318&product_date=26-04-2025
    Zaterdag 26 april, zaterdag 31 mei en woensdag 25 juni om 14:30 uur

    Verkadefabriek: https://www.verkadefabriek.nl/agenda/metamorfose-151630

    Theater De Gigant: https://www.gigant.nl/verwacht/
    Natlab (Pl.Fut): https://www.museon-omniversum.nl/agenda/films/metamorfose

    Slachtstraat Utrecht: nog niet op de website gepubliceerd
    Theater De Fabriek Zaandam: nog niet op de website gepubliceerd
    Filmhuis Het Fraterhuis: nog niet op de website gepubliceerd
    Trianon: nog niet op de website gepubliceerd
    Park Filmhuis: nog niet op de website gepubliceerd
    Pakhuis de Zwijger: nog niet op de website gepubliceerd

  • In de rubriek ‘het gedicht’ duikt een recensent in de mogelijke betekenis van een gedicht, woord voor woord.

    Door Paul Demets

    PIP6_Sint-AnnaParochie-alles-0199-1920x1278
    © Rosa van Ederen 

    President Klaske

    ’s Nachts als ze de slaap niet kan vatten 
    ziet Klaske een breipatroontje voor zich. 
    Als het zo kan of zo kan dan kan dat 
    en dat denkt ze. 

    We zijn nog lang niet uitgepraat 
    maar ik wil nog even vragen 
    wat voor vrouw mijn moeder was 
    want die kende ze omdat Oege 
    zijn neef Jerre bij wie ze regelmatig 
    met de woonwagen op het boerenerf stonden 
    onze buurman was.

    Een lieve vrouw was je moeder en een botte borstrok 
    als het haar niet naar de zin was, kon ze flink vloeken.

    Ik denk dat Klaske die president was van de vrouwenvereniging 
    van de hervormde kerk, die al dertig jaar breit voor Roemenië, Albanië 
    en nu voor Oekraïne, dat wel kon hebben. 

    "Och", sait se, "dat Bildts is ook soa ferrekte wreed." 

    Even later belt mijn vader omdat ik hem foto’s 
    van Klaske, Oege en de woonwagen appte. 

    "Klaske gaf mij voor een klusje 
    waar ik geen geld voor wilde een Noorse trui
    die zo stijf gebreid was dat je hem rechtop 
    in de hoek van de kamer kon zetten." 

    © Tsead Bruinja

    Misschien is onze tijd die beheerst wordt door polarisering en conflicten wel gebaat bij betrokken, heldere, aardse poëzie. Er lopen namelijk veel breuklijnen door de samenleving, zoals die tussen de bewoners van de stad en die van het platteland. Terwijl er op het platteland, net als in de stad, waardevolle dingen gebeuren die de sociale cohesie bevorderen.

    Een dichter kan daar misschien ook aan bijdragen, door met mensen te gaan praten en gedichten op die gesprekken te baseren. De Nederlandse dichter Tsead Bruinja deed dat toen hij in 2019 en 2020 Dichter des Vaderlands was. In 2020 publiceerde hij Springtij, een bundel vol echo’s van de gesprekken die hij voerde met opgesloten misdadigers.

    Springtij

    Ook dit gedicht uit Bruinja’s nieuwe bundel, Wat deed ik daar, is gebaseerd op gesprekken, deze keer op het Friese platteland, waar de dichter opgroeide. Hij informeert naar wat men van zijn moeder vond. Hij citeert in het Fries de bedenking dat men zijn moeders gevloek wel kon relativeren, omdat het Bildts, de streektaal met een sterk Hollands karakter die wordt gesproken in de Friese polderstreek het Bildt, sowieso een harde taal is. In de gesprekken komt de breiende voorzitter van de vrouwenvereniging ter sprake. Bruinja’s vader haalt ook een herinnering aan haar op. Solidariteit op het platteland: breien voor inwoners van landen waar de bevolking het moeilijk heeft.

    Watdeedikdaar

    De titel is met de hand geschreven op de cover (handschrift van ontwerper https://bartheideman.com/), alsof de dichter zich na de samenstelling van de bundel de vraag stelt “Wat was dit allemaal?” De bundel is dan ook een boeiend amalgaam van stemmen en tonaliteiten: ernst en speelsheid, bedenkingen en sentiment wisselen elkaar af. De verschillende delen van de bundel worden bijvoorbeeld voorafgegaan door citaten uit ‘Nextdoor’, een app waarop mensen uit de buurt elkaar dingen kunnen aanbieden.

    Misschien vraagt Bruinja zich met de titel van zijn bundel ook af wat zijn geboorteplek in Friesland achteraf bekeken voor hem betekende. Veel goeds, ongetwijfeld, als je dit gedicht leest.

    Bron: https://www.standaard.be/cnt/dmf20250220_94678945

    P.s. dit ging er vooraf aan dit gedicht:

    https://tseadbruinja.typepad.com/tsead_bruinja/2022/10/woonwagens-dubbelvla-en-trompetmuziek-in-het-bildt.html

    Woonwagens, dubbelvla en trompetmuziek in het Bildt (blog van drie jaar geleden)

    Op 4 en 5 oktober 2022 waren muzikant Zea, fotografe Rosa van Ederen, gastdichter Frank Keizer en ik (in het kader van Portretten in Poëzie) op bezoek bij Zorgcentrum het Bildt Locatie Beuckelaer in Sint Annaparochie.
    Bildt
    foto's door Rosa van Ederen

    Het was een speciale editie van Portretten in Poëzie met familie en oude bekenden, waaronder de 100-jarige oma van Frank Keizer en een oude bekende van mijzelf. Klaske van der Veen-Krol was namelijk vroeger, met haar man Oege en hun dochter Marianne, vaak te vinden bij buurman Jerre aan de Heechfinne in Rinsumageest. Daar reden zij destijds met de pony en de woonwagen naartoe om er een paar nachten naast de boerenstal te bivakkeren. Klaske en ik hadden elkaar 40 jaar niet gezien.

    20221004_112505

    Arnold werkte met oud-marinier Rinze Wassenaar die het na een halfzijdige verlamming gelukt is om weer trompet te kunnen spelen. De hele zaal zong met Rinze mee tijdens de afsluitende presentatie en genoot van de prachtige foto’s die Rosa maakte, o.a. van een bankje dat een speciale betekenis heeft voor mevrouw Balt-Brouwer. Die staat namelijk op de plek waar vroeger de boerderij van haar moeder stond. Toen de man van mevrouw Balt 23 jaar geleden overleed, kwam ze vaak naar het bankje om aan hem te denken.

    De ontvangst was weer geweldig, inclusief de gehaktbal, de pannenkoeken en de dubbelvla. We hebben bovendien erg genoten van de mengeling van Fries, Nederlands en Bildts tijdens ons bezoek.