Gisteren wilde ik beginnen te werken aan het samenstellen van mijn nieuwe bundel, maar we moesten nog gordijnen ophangen, tegen de tocht, inclusief rails. Aangezien ik een gloeiende hekel aan klussen heb, mag het een wonder heten dat de gordijnen hangen en Sas en ik zonder welke vorm van ruzie dan ook de middag doorstaan hebben.
Vandaag ben ik dan eindelijk maar eens begonnen met de bundel, die tot nu toe 'De Letter A' heet, wat me op dit moment doet denken aan een klein dun mannetje die op een boot in Palembang (Soematra), met een keiharde hoge stem de eerste letter van het Arabische alfabet 'Aleph', en daarmee ook Allah, wilde prijzen. Zijn lofzang duurde een eeuwigheid en hadden me bijna mijn trommelvliezen gekost.
Over de bundel kan ik nog niet veel zeggen. Ik ben nog niet veel verder dan het samenstellen van drie bestanden:
1. Werk geschreven tot en met september vorig jaar en eerder werk dat niet in bundels werd opgenomen.
2. Werk geschreven na september 2008, waaronder veel opdrachtgedichten.
3. Een bestand met de naam 'nog aan werken' met vooral veel onaffe gedichten en fragmenten.
Gelukkig heb ik nog tot en met november om de bundel samen te stellen, maar ik wil graag in verband met de aanbiedingsfolder de uitgever al eerder een idee kunnen geven van de inhoud. De komende weken ben ik tussen de optredens, workshops en interviews door dus aan het knippen, plakken, deleten en zuchten.
Goeds,
Tsead

Geef een reactie op Maarten Das Reactie annuleren