– Nu we bijna aan het eind van het jaar beland zijn en ik binnenkort het stokje mag overdragen als DDV, blik ik de komende dagen terug door de vijf columns die ik tot nu toe voor poëzietijdschrift Awater heb geschreven te delen. In een speciaal nummer van Awater dat in de Poëzieweek verschijnt, staat mijn laatste column als DDV. Wie de gedichten wil lezen die ik heb geschreven als DDV kan terecht op www.dichterdesvaderlands.nl/
‘Is dat niet zwaar, al dat schrijven in opdracht?’ vragen mensen mij vaak. Ik zeg dan dat ik hiervóór al veel werk op aanvraag heb geschreven en dat het wel meevalt. Voor het gemak laat ik de vertwijfeling weg die zich vlak voor iedere deadline meester van mij maakt. Ik vind mijzelf op die momenten een complete mislukkeling en wil de handdoek het liefst voor eeuwig in de ring gooien.
Tijdens de vijf jaar dat ik gelegenheidsgedichten schreef voor het EO-radioprogramma Dit is de Dag overkwam mij dit maandelijks. Dichters kregen van de royale evangelisten tachtig euro, 180.000 luisteraars en anderhalf uur de tijd om een gedicht in elkaar te draaien rond een onderwerp of vier, bijvoorbeeld over Emile Roemer die beweerde als gemeenteraadslid eigenhandig een fietsenrek te hebben verplaatst.
Het succes van Dit is de Dag leidde, mede dankzij de Nederlandse poëzie, tot een spin-off. Bij Dit is de zondag draaide het om een gast en een heel leven. Begin 2013 mocht geestelijk verzorger Rita Renema aanschuiven. Renema werkte in een palliatief centrum. Na haar ervaringen als verzorger en als kankerpatiënte had ze de stichting ‘Als kanker je raakt’ opgericht. Nu was ze zelf terminaal ziek. Ik schreef voor haar ‘Vertrek’, waarin twee mensen aan een rivier neerstrijken om ‘nog een keer te vragen/ wat die ander van het uitzicht vindt.’ De dood kreeg mijn pen beter op gang dan de SP.
VERTREK
er is veel wat je kan
als je niks meer kunt
voor je vertrekt
om hulp vragen
iemand ervoor bedanken
in gedachten samen aan de oever
van een snel stromende rivier gaan staan
de ander vragen op je te letten
tijdens het pootjebaden
een kleed uitspreiden op het gras
als rijpe bessen je wensen eten
de idealen uitschenken
die je eerder wild en dronken maakten
en dan gaan liggen
om naar de overkant te staren
en nog een keer te vragen
wat die ander van het uitzicht vindt
Daarom was ik blij met de uitnodiging om iets te schrijven ter gelegenheid van de Nationale Dag Aandacht voor Sterven. Het ging de organisatie om ‘het “normale”, natuurlijke sterven, als iets dat bij het leven hoort.’ om het geven van ‘kracht en vertrouwen’. Het honorarium was meer dan tien keer het schamele gage van de EO.
Ik rekende mezelf rijk en begon mij te verdiepen in wilde vakantieplannen met mijn nieuwe vriendin. Eerst moest ik namens het Landelijk Expertisecentrum Sterven bij de NRC nagaan of die de verse pennenvrucht zou gaan afdrukken. Zo niet dan wilde men toestemming om hem elders te slijten. De NRC kon niks toezeggen en was geen groot voorstander van publicatie bij een concurrent. Het feest ging niet door. Ik kon naar het geld fluiten. Het Expertisecentrum wilde geen gedicht maar een advertentie.
Niet getreurd. De vakantie op het Groninger platteland, inclusief hot tub, werd bekostigd met een gedicht dat ik schreef voor Rikkert Zuiderveld, die als laatste der poëtische Mohikanen afscheid nam van Dit is de Dag. Lang leve de EO en lang leve de dood!
laat de laatste de eerste zijn
de laatste der mohikanen uncas
zoon van opperhoofd chingachgook
was in het gelijknamige boek
de jongste nog levende mohikaan
tot hij stierf en zijn vader
de twijfelachtige eer toeviel
de laatste te zijn
maar de mohikanen leven
ze spannen rechtszaken aan
om hun land terug te winnen
bouwen vakantieoorden en casino’s
waarmee ze hun kinderen
naar school laten gaan
laten wij ons als dichters verenigen
en een commerciële omroep beginnen
met spelletjesprogramma’s waarin we kijkers
met een brede glimlach hun complete vermogen
laten vergokken
met de advertenties bekostigen we het werk
van noodlijdende collega’s die nergens meer aan de bak komen
richten we schrijversscholen op waar debutanten
rustig kunnen zoeken naar iets wezenlijks
vrij van algoritmes kijk- en luistergrafieken
komen zij tot de kern van het bestaan
laten ze los wat ze dachten te hebben
en wat ze dachten te zijn
beginnen ze aan een nieuwe reis
met nieuwe vragen
bijvoorbeeld over het behoud van zandweggetjes
en hoeveel kauwgomballen er nodig zijn aan een boom
wil het jaar
een goed kauwgomballenjaar zijn

P.s. als bonus het gedicht over Roemer:
HOBBYPOLITIEK SLOOPPOLITIEK
er staan nog geen geschenken vermeld
op de internetpagina van sp-leider emile roemer
maar bij deze krijgt hij van mij een cadeau
namelijk een lichte herschrijving van zijn bio
begin quote
mijn eerste ervaring in de politiek was een fietsenrek
dat bij het zwembad stond aan de overkant
van een drukke straat
het gemeentebestuur wilde de verplaatsing
op de begroting van het volgende jaar zetten
toen heb ik op een avond met een hele club mensen
het rek naar de overkant gesjouwd
ik ben de politiek ingegaan
om de wereld te verbeteren
hoezo moet zoiets maanden duren?
einde quote
het doet een beetje denken aan mijn buurjongetje manu
die toen hij vorige week de zee zag
zwembad riep
is dit de droom die je leeft emile
een stukje zekerheid een beetje erbij voor de minima?
een streep door de jsf de waterschappen en de uwv?
wat is je droom?
welk fietsenrek ga je verplaatsen
in nederland?
en waarom speelt je dweilorkest
niet eens iets ambitieuzers?
slaap in je oefenhok emile
droom denk sloop en kom terug
met iets grandioos
mik eens op a love supreme
je stáát niet voor een zwembad
je staat voor de zee
Neem een abonnement
Met een abonnement op poëzietijdschrift Awater blijft u op de hoogte van wat zich afspeelt in de Nederlandstalige poëzie. In Awater - het grootste poëzietijdschrift van Nederland – vindt u nieuws, achtergronden en poëziekritiek. Daarnaast ontvangt u drie keer per jaar de meest interessante dichtbundel uit het actuele aanbod.
De kosten voor een abonnement (3 x Awater, 3 x bundel) zijn € 75 per jaar.
Of neem een Awater-abonnement sec (3 x Awater) voor slechts € 25 per jaar.
