DE VUURTOREN VAN HET LICHT DE CONTOUREN
voor tsjêbbe hettinga
jij bent mijn wad nog niet over
en ik ben nog niet op jouw eiland
maar als ik jouw kant wel op kan komen
wil ik dat je in de keuken staat
in je ene hand het mes en in de andere
een tomaat brood peper en olie
jij bent mijn wad nog niet over
en ik ben nog niet bij jouw tent
sas wilde nog met je te schaatsen
en ik wilde nog eens horen hoe je de friese verslaggever
die er apart voor naar rotterdam was gekomen
nee verkocht omdat ze te lui waren geweest
je werk te lezen
jouw rug rechter dan de mijne
jij bent mijn wad nog niet over
en ik sta nog niet naast je klapstoel
de blikjes bier doe ik alvast in een zak
hang ze aan een boom in de sloot
ik wil jouw kant wel even opkomen
geef mij het nummer van je kamer
en waarschuw ze maar daar
dat we dit keer langskomen
om veel meer dan een visje
om meer dan van het licht
de contouren
Dit is het zevende gedicht in 'Binnenwereld Buitenwijk Natuurlijke Omstandigheden' (Cossee, sept. 2015). Het werd geschreven om voorgedragen te worden tijdens de uitvaartdienst van de Friese dichter Tsjêbbe Hettinga (www.sirkwy.nl/).
Op 14 maart 2013, de dag van de uitvaart, maakte ik de volgende blogtekst over deze tekst: "Er waren eens twee Friezen, één Groninger en één Drent, te weten Tsjêbbe Hettinga, Tsead Bruinja, Jan Veldman en Erik Harteveld. Drie van die vier liepen op 23 februari 2005 vroeg op de middag langs de besneeuwde duinen van Schiermonnikoog toen ze muzikant en toneelschrijver Jan Veldman tegenkwamen, die als vroege vogel het strand alweer gezien had en terugging naar het dorp op blikjes bier te kopen tegen de nachtelijke dorst. We waren op het eiland in het kader van het festival www.schrijversomdenoord.nl/ en ik was er ook als schouder en dichtergeleidehond voor Tsjêbbe.
Na een lange dag van voordrachten, maaltijden en drinkgelagen in Hotel van der Werf, klonk om één uur de laatste ronde. Tsjêbbe logeerde in Hotel van der Werf, terwijl Veldman, Bruinja en Harteveld nog door de koude terug moesten naar hun pension buiten het dorp.
fragment uit de documentaire van Pieter Verhoeff uit 2006 uitgezonden tijdens Zomergasten van de VPRO
Toen de bar eenmaal gesloten was, vroeg Tsjêbbe voorzichtig naar de blikjes bier. Die waren helaas nog steeds in het pension, dus ik moest hem teleurstellen."
Het gedicht werd oorspronkelijk in het Fries geschreven, maar paste beter in de komende Nederlandstalige bundel dan in de volgende Friese die zal bestaan uit een lang verhaal. In de voordracht lees ik daarom na de vertaling ook het Friese origineel voor dat ik ook hieronder plaats. De opmaak van de vertaling is anders dan die van het origineel omdat ik in een bundel de gedichten liever op één pagina zie.
DE FJOERTOER FAN IT LJOCHT DE KONTOUREN
do bist myn waad noch net oer
en ik bin noch net op dyn eilân
mar at ik dyn kant al opkomme kin
wol ik datst yn de keuken stiest
yn dyn iene hân it knyft
en yn de oare in tomaat
bôle piper en oalje
do bist myn waad noch net oer
en ik bin noch net by dyn tinte
sas woe noch mei dy te riden
en ik woe nochris hearre
hoest de omrop dy't apart derfoar
nei rotterdam kaam wie
nee ferkochtest
omdat se te sleau west hienen
dyn wurk te lêzen
dyn rêch rjochter
as mines
do bist myn waad noch net oer
en ik stean noch net neist dyn klapstoel
de blikjes bier
doch ik alfêst yn in pûde
hingje se oan in beam
yn de sleat
ik wol dy kant wol efkes opkomme
jou my it nûmer fan dyn keamer
en warskôgje se mar dêr
dat we dit kear delkomme
om folle mear
as in fiskje
om mear as fan it ljocht
de kontoeren
Voor meer over Tsjêbbe Hettinga:
www.sirkwy.nl/titel/530#.VRfYG_msUxJ
www.poetryinternationalweb.net/pi/site/p…-Hettinga (Engelstalig)
www.reinjanmulder.nl/2013/03/bij-de…n-it-fertriet/ (Mooi in memoriam door Reinjan Mulder)
