Of poëzie als een vorm van wetenschap kan worden gezien, wilde ik weten. Ik zat aan tafel met de jonge Chinese dichter Hu Xudong die net zijn tedere gedichten het publiek in had geblaft en de Canadese dichter Adam Dickinson, die zich liet inspireren door de complexe moleculestructuren van polymeren.  (Moet u niet van schrikken hoor, die polymeren. De maffia komt zo nog langs.) Drie microfoons stonden er voor onze neuzen, een karaf water en drie glazen. Plaats: de Rotterdamse Schouwburg. Gelegenheid: Poetry International.

(Video van een andere programma waarin Dickinson als eerste voordraagt)

Dickinson ging net zo serieus op mijn vraag in als hij had voorgelezen. Nadat hij gewillig het stokje had overgegeven, begon het gedonder. Xudong lachte zijn tanden bloot en wierp “but you are a real geek” richting Dickinson. Aangezien ik me enigszins verantwoordelijk voelde voor welbevinden van beide heren, probeerde ik tegen te werpen dat Xudong in zijn jeugd werk had gemaakt dat hij nu als “geek art” bestempelde. Het mocht niet baten. Xudong antwoordde dat dat een andere Xudong geweest moest zijn en gaf geen sjoege.

Inmiddels had de Chinees, die romantische regels schrijft als “met een rivier in mijn armen slaap ik een hele nacht. / Ik ben vergeten hoe we elkaar hebben ontmoet, / in ieder geval trad zij buiten haar oevers” de lachers op zijn hand. Hij besloot het publiek verder te plezieren door te vertellen dat hij vroeger een gangstertje geweest was en dat zijn eerste boeken gestolen goed waren. Hij kreeg ze van het groepje boeven met wie hij de straten onveilig maakte. Gedichten en gangster bleken moeilijk met elkaar te rijmen.

(Hu Xudong leest 'Mama Ana Paula Schrijft Ook Poëzie'. Click hier voor de vertaling.)

Dickinson lachte mee, maar merkte ook dat het gesprek over iets heel anders aan het gaan was dan de door hem zo geliefde poëzie. Om hem in het gesprek te betrekken, vroeg ik de Canadees of hij misschien ook ooit boeken had ontvreemd. “Of course,” was zijn gretige antwoord en de titels lagen bijna op zijn lippen, maar stierven voortijdig op zijn tong. Hij realiseerde zich plotseling dat het programma gestreamd werd en dat hij net nog naar zijn vrouw en driejarige dochtertje had gezwaaid aan de andere kant van de oceaan. De lacherige experimentele dichter veranderde in een koude wetenschapskikker, die beweerde dat er “more significant” zaken moesten zijn waar we het over konden hebben.

Xudong zat er wat dom bij te knikken en ik zakte een klein stukje door de grond, keek naar de tijd en rondde laf het gesprek af. Maar dit lafbekje, dat vroeger hubba bubba kauwgom en geld pikte voor Star Wars-poppetjes, geniet thuis volop van Dickinsons “buitenruimtelijke holten / van vermoeidheid” en “getuierde draden / die nodig zijn om / aromatische nanodromen te verheffen / naar een gekonfijte omloopbaan”. Ich bin ein Geek!

Posted in