Monteur

Tot nu toe heb ik zo'n vijf keer een gedicht voor het radioprogramma Dit is de dag mogen schrijven, steeds binnen een uur en over een of meerdere gasten van het programma.

Het gedicht dat ik vandaag moest schrijven, viel me zwaar, aangezien ik een gedicht moest schrijven voor een collega en dan nog wel Driek van Wissen, de huidige dichter des Vaderlands.

Uiteindelijk is het een aardigheidje geworden, dat vooral bedoeld was als een compliment op het werk van van Wissen, die van anderen al genoeg kritiek krijgt:

beste driek

 

de taal is het voertuig van de geest

maar de onze is een krakende wagen

hoorde ik je jaren geleden zeggen

en die waarschuwing is me bijgebleven

 

nu word je bijna uit je functie ontheven

en staan we ontroostbaar aan de kant

maar vrees niet er wacht je een eervol nieuw ambt

en dan wel één voor de rest van je lange leven

 

mocht ik je opvolgen

over de komende twee spannende weken

dan grijp ik namelijk snel mijn kans

 

en stel ik je als derde dichter des vaderlands

met alle plezier aan

 

als de eerste monteur des nederlands

 

Ik moet de hele tijd denken aan die reclame waarin gezegd werd: 'Gelukkig heeft hij meer verstand van verzekeren.' Dat kun je bij mij in ieder geval niet zeggen over het schrijven van rijmende gedichten ;o)

Dat het schrijven van een gedicht voor een collega nog iets beters op kan leveren, bewijst onderstaand gedicht dat ik op uitnodiging voor H.C. ten Berge maakte:

walmende ezelrug op een lentemorgen

roept de oud-boer aan het eind van zijn werkdag de ezel
dan galoppeert die op hem af

en net als de oud-boer denkt dat het dier met hem mee komt
schiet de ezel voor hem langs

de oud-boer lacht om het spel
en zijn vrouw lacht om de oud-boer
in de lege stal krijgt hij zijn voer
kruipt warmte van zijn stugge hand
in soepel vel

een avond volgt met suiker op echte boter op vers witbrood
en een oude mosterdbeker met melk

drie uur zappen
zdf wdr nrd
nederland 1 en 2
appeltje schillen
leeuwarder courant
het circus van de slaap

morgen gaat de kiel weer aan
schieten de voeten na gekookt ei
en aardbeien in afgeknipte laarzen
mag de ezel het weiland in

en voordat het spel zich ritueel herhaalt
dampt iets van de warmte uit de boerenhanden
van de avond ervoor

tijdens het vroege grazen
als een richtingloos gebed
uit de ezelsrug

de onverschillige hemel in

Motto bij dit gedicht: 'als onderaards er is poëzie in de mens / ontgroeit zij de schors / een vogel rilt in mijn hand / de namiddagzon sneeuwt hiëroglyfen / rond de stam*

* uit Poolsneeuw H.C. ten Berge (Polak & Van Gennep)

Posted in

Plaats een reactie